2de graad - ASO richtingen

Ik zit momenteel in volgende basisoptie/studierichting: Wetenschappen

Klik hieronder op jouw nieuwe studierichting:

Wat is het profiel van de studierichting “Autotechnieken”?

De logische vooropleiding is Mechanische technieken en Elektrotechnieken. Er is geen specifieke vooropleiding nodig.
Als je afstudeert in deze studierichting, kan je kiezen voor onmiddellijke tewerkstelling of verdere studies.

Je bent geïnteresseerd in de werking en het onderhoud van auto’s en hebt belangstelling voor elektriciteit en elektronica.
Je leert fouten opsporen zowel op mechanisch als elektrisch vlak. Je verwerft inzicht in de werking van de wagen en in het stellen van de juiste diagnose bij defecten.

Via proeven, praktische opdrachten en metingen leer je de werking van de verschillende onderdelen en systemen van een auto beter kennen en begrijpen. Ook diagnose, technische reglementering, schema-analyse, werkplanning en studie van stuur- en regelsystemen komen aan bod.

Je leert ook de kostprijs van de onderhoudswerkzaamheden begroten en communiceren met de klant.
Klanten op een correcte manier ontvangen en verder helpen is belangrijk. Hiertoe leer je planning, organisatie en kwaliteitszorg.

De twee weken durende stage in je laatste jaar is een waardevolle aanvulling op je opleiding vanuit een reële werksituatie. 
Met je geïntegreerde proef toon je aan dat je de aangeleerde competenties en vaardigheden voldoende beheerst.

Welke zijn de specifieke vakken in de studierichting “Autotechnieken”?

Ik leer in realisaties auto:

  • uitvoeren van onderhouds- en herstellingswerkzaamheden
  • monteren en demonteren van onderdelen aan de hand van de werkplaatsdocumentatie
  • diagnose stellen aan mechanische en elektrische regelsystemen met de hiervoor geschikte apparatuur
  • motoren afstellen
  • herstellen, afstellen en controleren van het onderstel 
  • diagnose stellen aan elektrische installaties
  • revisie van verbrandingsmotoren
  • elementaire lastechnieken
  • stuurgeometrie

    en ik ontwikkel volgende competenties:

  • verantwoordelijkheidszin
  • veilig en milieubewust werken
  • flexibiliteit
  • aandacht hebben voor aspecten die het welzijn op de werkvloer bevorderen
  • uitvoeringsgericht communiceren

    aan de hand van volgende projecten:

  • onderstel mechanisch
  • motoren mechanisch
  • elektriciteit, motormanagement, diagnose, veiligheids- en comfortsystemen
  • motoren: uitgebreide regelsystemen

Ik krijg de kans om volgende certificaten en attesten te behalen:

  • HEV 1 (hybride en elektrische voertuigen)
  • de terugwinning van koelmiddel uit klimaatregelsystemen van voertuigen
  • VCA veiligheid
  • bedrijfsbeheer

Wat leer ik nog in de studierichting “Autotechnieken”?

Ik leer in wiskunde:

  • stapsgewijs en in gematigd tempo de leerstof verwerken
  • eenvoudige wiskundige technieken en methoden toepassen,
  • vaak met gebruik van ict-middelen
  • correct en nauwgezet werken
  • symbolische tekens gebruiken
  • numerieke en grafische informatie verwerken
  • simpele realiteitsgebonden situaties wiskundig interpreteren
  • wiskunde waarderen als een onderdeel van onze dagelijkse leefwereld 

Ik leer in Engels:

  • vlot en inzichtelijk taal gebruiken
  • interesse tonen voor de Frans- en Engelstalige wereld
  • streven naar grammaticale correctheid en het juiste gebruik van de woordenschat  ter ondersteuning van taalvaardigheden
    (luisteren, lezen, spreken/gesprekken voeren, schrijven)
  • woordenschat uitbreiden, in het bijzonder vakterminologie
  • functioneren in concrete vaktaalsituaties
  • mijn zelfredzaamheid vergroten
  • leerbereidheid en motivatie opbrengen voor het leren van talen

Welke lessen krijg ik in de studierichting “Autotechnieken”?

 

3de graad TSO – Autotechnieken

 

5de jaar

6de jaar

Aardrijkskunde

1

1

Frans

2

2

Geschiedenis

1

1

Godsdienst

2

2

Lichamelijke opvoeding

2

2

Nederlands

2

2

Realisaties auto + stage

18

18

Wiskunde

2

2

Bedrijfsbeheer
(facultatief)

2

2


In welke school binnen de scholengemeenschap Aarschot-Betekom kan ik terecht voor de studierichting “Autotechnieken”?

Welke aanbevelingen zijn er bij deze overgang?

Je hebt grote belangstelling voor autotechnieken en je bent zeer gemotiveerd. Je wil inspanning leveren om je praktische vaardigheden te ontwikkelen en kan voldoende interesse aan de dag leggen bij het begeleiden en uitvoeren van realisaties autotechnieken. Je kan logisch redeneren en probleemoplossend denken. ict-vaardigheden zijn een troef.

Wat is het profiel van de studierichting “Biotechnische wetenschappen”?

Deze studierichting heeft een uitgesproken doorstromingsfunctie. Dit wil zeggen dat ze wil voorbereiden op verder studeren in het hoger onderwijs. Het is niet  evident om direct te gaan werken na het beëindigen van je secundaire studies.
De studierichting richt zich naar theoretisch sterke leerlingen die begaan zijn met natuur en milieu en een brede interesse hebben voor het leven van plant, dier en mens.

De logische vooropleiding is de tweede graad Biotechnische wetenschappen. Als je instapt in de derde graad vanuit een andere studierichting wordt er naast een sterke wetenschappelijke interesse verwacht dat je in de tweede graad 5u wiskunde hebt gevolgd.

Biotechnische wetenschappen is een studierichting met een sterk pakket exacte wetenschappen (wiskunde, biologie, chemie en fysica) gekoppeld aan de studie van en proefondervindelijk onderzoek in de wereld van de levende organismen. Het hoofddoel is wetenschappelijke kennis verwerven rond actuele ecologische en biotechnologische thema’s (bv. waterzuivering en saneringstechnieken). Je leert productieprocessen analyseren, opstarten, opvolgen en wetenschappelijk verklaren (bv. bier- en kaasbereiding). Je leert onderzoekstechnieken ontwikkelen en uitvoeren. Je bestudeert de levende organismen, de levensprocessen, de relaties tussen mens, plant en dier en de relaties met hun omgeving, de factoren die hen beïnvloeden.

Je leert ethisch denken. IVF, genetische manipulatie, klonen en weefselkweek behoren tot de bestudeerde onderwerpen.

Welke zijn de specifieke vakken in de studierichting “Biotechnische wetenschappen”?

Ik leer in labo biotechniek en toegepaste wetenschappen:

  • laboratoriumtechnieken eigen maken
  • geleidelijk aan volledig zelfstandig werken

    Volgende competenties:

  • interesse en nieuwsgierigheid voor wetenschappen (vertrekkend vanuit mijn leefwereld, demonstratieproeven en beeldmateriaal) opbrengen
  • kritisch over wetenschappelijke verschijnselen nadenken
  • verbanden tussen leerstof en actualiteit leggen
  • wetenschappelijke taal correct gebruiken
  • wetenschappelijk denken en handelen volgens het OVUR-principe
    (Oriënteren, Voorbereiden, Uitvoeren, Rapporteren en Reflecteren)
    • zelfstandig onderzoeksvragen opstellen
    • zelfstandig kiezen uit een gekend arsenaal van mogelijkheden om waarnemingen weer te geven en gegevens te ordenen
    • directe waarnemingen in het labo verzamelen en analyseren
    • wekelijks verslagen voorbereiden en zelfstandig afwerken
  • met klassieke (boeken, tabellen, grafieken, …) en moderne informatiedragers (ict) omgaan
  • vanuit probleemstellingen de essentie symbolisch noteren en oplossen 

volgende attitudes:

  • ordelijk werken
  • helder, logisch en kritisch denken
  • informatie structureren en verwerken
  • zelfstandig oplossingen voor problemen vinden
  • in team werken
  • veilig en milieubewust met producten en laboratoriumapparatuur omgaan
  • respect tonen voor het werk van anderen en voor het gebruikte materiaal

Ik leer in de geïntegreerde proef:

De geïntegreerde proef, waaraan ik een jaar lang systematisch werk, is een zeer belangrijk onderdeel van mijn opleiding. Ik besteed voldoende aandacht aan wetenschappelijke attitudes en vaardigheden.

Bij de uitvoering van de verschillende opdrachten word ik begeleid door mijn leerkrachten.


Naast de wetenschapsvakken en wiskunde kunnen ook andere vakken betrokken worden.


De opdrachten in verband met de GIP worden als volgt ingevuld:

  • opzoeken van informatie rond het gekozen thema
  • opzoeken, uitvoeren en verwerken van practica
  • uitschrijven van een zelfgemaakte tekst met een tekstverwerkingspakket
  • het maken van een PowerPoint-presentatie

    Tijdens het schooljaar worden mijn prestaties geëvalueerd en in juni verdedig ik mijn GIP voor een jury.

Wat leer ik nog in de studierichting “Biotechnische wetenschappen”?

Ik leer in wiskunde:

  • zelfstandig werken
  • blijven zoeken naar de ideale oplossingswijze
  • wiskundige technieken en methoden voldoende beheersen, ook met gebruik van ict-middelen
  • realiteitsgebonden situaties vertalen naar een wiskundig model en de oplossingen kritisch toetsen
  • logisch redeneren in functie van de specifieke vakken
  • de verworven inzichten in wetenschapsvakken toepassen
  • symbolische tekens gebruiken
  • grote hoeveelheden leerstof verwerken
  • correct en nauwgezet werken.

    Ik kies voor 2 uren extra wiskunde en leer specifiek

  • verdiepingsleerstof verwerven
  • grote hoeveelheden leerstof verwerken
  • kritisch nadenken en inzicht verwerven in bewijzen en stellingen

    Let op! Wanneer je in de tweede graad de leerweg 5 uren wiskunde niet gevolgd hebt, dien je een extra inspanning te doen.

Ik leer in Frans, Engels (Duits):

  • vlot en correct taal gebruiken
  • interesse tonen voor de Frans-, Duits- en Engelstalige wereld
  • communicatieve vaardigheden verder ontwikkelen in alledaagse en richtinggebonden situaties
    (luisteren en kijken, lezen, spreken/gesprekken voeren, schrijven)
  • woordenschat uitbreiden, in het bijzonder vakterminologie

Ik leer in Nederlands:

  • taalvaardigheden verder ontwikkelen (luisteren en kijken, lezen, spreken/gesprekken voeren, schrijven) met extra aandacht voor de geïntegreerde proef in het zesde jaar (GIP)
  • gedichten, romans en toneel gefundeerd beoordelen

Welke lessen krijg ik in de studierichting “Biotechnische wetenschappen”?

 

3de graad TSO – Biotechnische wetenschappen

 

5de jaar

6de jaar

Aardrijkskunde

1

1

Biotechniek

3

3

Engels

2

2

Frans

2

3

Geschiedenis

1

1

Godsdienst

2

2

Labo biotechniek

3

3

Lichamelijke opvoeding

2

2

Nederlands

4

3

Toegepaste biologie

2

2

Toegepaste chemie

2

2

Toegepaste fysica

1

1

Wiskunde

6

6

Vrije ruimte

2

2


In welke school binnen de scholengemeenschap Aarschot-Betekom kan ik terecht voor de studierichting “Biotechnische wetenschappen”?

Wat is het profiel van de studierichting “Chemie”?

De logische vooropleiding is de tweede graad Techniek-wetenschappen, Biotechnische wetenschappen, Industriële wetenschappen of een ASO-richting. Ook de studierichting Sociale en technische wetenschappen uit de tweede graad bereidt gemotiveerde leerlingen voldoende voor. Chemie is een technisch-wetenschappelijke studierichting die de chemie benadert via concrete toepassingen.

In deze studierichting word je voorbereid om succesvolle studies hoger onderwijs van het niveau professionele bachelor binnen het domein wetenschappen aan te vatten.

De samenhang tussen natuurwetenschappen, techniek en industrie is de rode draad doorheen de typische vakken van deze studierichting. In de chemievakken komen de basisbegrippen en de instrumentale technieken aan bod, de technieken om grondstoffen te verwerken tot eindproducten, de verbindingsklassen, reactiesoorten en de belangrijkste toepassingen in ons dagelijks leven. In het labo leer je basisapparatuur opstellen, bedienen en onderhouden en laboratoriumtechnieken toepassen.

Er wordt verwacht dat je handig en accuraat met stoffen omgaat, nauwkeurige waarnemingen verricht en experimenten uitvoert.

Welke zijn de specifieke vakken in de studierichting “Chemie”?

Ik leer in toegepaste biologie:

  • de chemische samenstelling, de cellulaire opbouw en de specifieke levensfuncties van levende wezens
  • erfelijkheid en biotechnologie
  • technieken zoals microscopie en basistechnieken van de microbiologie, het maken en interpreteren van voedingsbodems en de techniek van het enten

Ik leer in analytische chemie:

  • kwantitatieve en kwalitatieve analyses
  • fundamentele chemische inzichten in volgende onderwerpen: reactiesnelheid en chemisch evenwicht, zuur-basereacties, complexreacties, neerslagvorming, redoxreacties, elektrochemie, spectroscopie en chromatografie

Ik leer in chemische technologie:

  • de wisselwerking tussen technologie en wetenschappelijk werk, de basis voor de industriële- en milieutechnologie
  • manieren om grondstoffen industrieel te verwerken tot een afgewerkt product

Ik leer in organische chemie:

  • bouw, indeling en eigenschappen van koolstofverbindingen
  • reacties met organische stoffen en synthesewegen
  • routine labowerkzaamheden zelfstandig uitvoeren: organische stoffen synthetiseren en identificeren, alsook rendementsbepaling van chemische processen

Ik leer in de geïntegreerde proef:

De geïntegreerde proef, waaraan ik een jaar lang systematisch werk, is een zeer belangrijk onderdeel van mijn opleiding. De opdracht heeft een groepskarakter waarbij ik mijn individuele verantwoordelijkheid opneem.

Ik besteed voldoende aandacht aan wetenschappelijke attitudes en vaardigheden.

Bij de uitvoering van de verschillende opdrachten word ik begeleid door mijn leerkrachten.

Naast de wetenschapsvakken en wiskunde kunnen ook andere vakken betrokken worden.

De opdrachten in verband met de GIP worden als volgt ingevuld:

  • opzoeken van informatie rond het gekozen thema
  • opzoeken, uitvoeren en verwerken van practica
  • uitschrijven van een zelfgemaakte tekst met een tekstverwerkingspakket
  • het maken van een PowerPoint-presentatie

    Tijdens het schooljaar worden mijn prestaties geëvalueerd en in juni verdedig ik mijn GIP voor een jury.

Wat leer ik nog in de studierichting “Chemie”?

Ik leer in wiskunde: (minder theoretische en vakoverschrijdende benadering)

  • stapsgewijs de leerstof verwerken
  • wiskundige technieken en methoden voldoende beheersen, ook met gebruik van ict-middelen
  • correct en nauwgezet werken
  • symbolische tekens gebruiken
  • numerieke en grafische informatie verwerken
  • situaties uit specifieke vakken vertalen naar een wiskundig model en de oplossingen kritisch toetsen
  • wiskunde waarderen als een onderdeel van onze dagelijkse leefwereld

Ik leer in Nederlands:

  • taalvaardigheden (luisteren en kijken, lezen, spreken/gesprekken voeren, schrijven) verder ontwikkelen met extra aandacht voor de geïntegreerde proef in het zesde jaar (GIP)
  • gedichten, romans en toneel beoordelen

Ik leer in Frans en Engels:

  • vlot en correct taal gebruiken
  • interesse tonen voor de Frans- en Engelstalige wereld
  • communicatieve vaardigheden
    (luisteren en kijken, lezen, spreken/gesprekken voeren, schrijven)
  • woordenschat uitbreiden, in het bijzonder vakterminologie
  • functioneren in concrete vaktaalsituaties

Welke lessen krijg ik in de studierichting “Chemie”?

 3de graad TSO – Chemie

 

5de jaar

6de jaar

 Aardrijkskunde

1

1

 Analytische chemie en labo

6

6

 Chemische technologie en labo

4

4

 Engels

2

2

 Frans

2

2

 Geschiedenis

1

1

 Godsdienst

2

2

 Lichamelijke opvoeding

2

2

 Nederlands

2

2

 Organische chemie en labo

4

4

 Toegepaste biologie

1

1

 Toegepaste fysica en labo

2

2

 Wiskunde

3

3


Waar kan ik terecht voor de studierichting “Chemie”?

Wat is het profiel van de studierichting “Industriële wetenschappen”?

De logische vooropleiding voor de derde graad Industriële wetenschappen is de tweede graad Industriële wetenschappen. Deze studierichting is één van de meest theoretische studierichtingen binnen het Technisch Secundair Onderwijs  en gericht op verder studeren in het hoger onderwijs.
Opvallend voor deze studierichting is het hoge aantal lestijden wiskunde en wetenschappen.

De technische vorming is niet op een onmiddellijke specialisatie gericht maar steunt op een algemeen wetenschappelijke basis. Het wiskundeprogramma is vergelijkbaar met dat van de richtingen met component wiskunde in het ASO. Je leert op een wetenschappelijke manier de kenmerken van fysische verschijnselen onderzoeken en wetenschappelijke wetmatigheden formuleren. Je leert ook de toepassingen ervan in technologische realisaties. Het ontwerpen van ruimtelijke vormen en schema’s met professionele software komt eveneens aan bod.

De wetenschapsvakken focussen op mechanica, elektriciteit, elektronica, toegepaste chemie en fysica. Er gaat ook de nodige aandacht naar de talen: Nederlands, Frans en Engels.

 

Welke zijn de specifieke vakken in de studierichting “Industriële wetenschappen”?

Ik leer in wetenschappen: (theoretische benadering)

volgende competenties:

  • interesse en nieuwsgierigheid voor wetenschappen (vertrekkend vanuit mijn leefwereld, demonstratieproeven en beeldmateriaal) opbrengen
  • kritisch over wetenschappelijke verschijnselen nadenken
  • verbanden leggen tussen leerstof en actualiteit
  • wetenschappelijke taal correct gebruiken
  • wetenschappelijk denken en handelen volgens het OVUR-principe
    (Oriënteren, Voorbereiden, Uitvoeren, Rapporteren en Reflecteren)
    • onderzoeksvragen zelfstandig opstellen
    • zelfstandig kiezen uit een gekend arsenaal van mogelijkheden om waarnemingen weer te geven en gegevens te ordenen
    • directe waarnemingen in het labo en op het terrein (tijdens excursie of veldwerk) verzamelen en analyseren
    • verslagen voorbereiden en zelfstandig afwerken
  • interesse en nieuwsgierigheid voor wetenschappen (vertrekkend vanuit mijn leefwereld, demonstratieproeven en beeldmateriaal) opbrengen
  • kritisch over wetens
  • met klassieke (boeken, tabellen, grafieken, …) en moderne informatiedragers (ict) omgaan
  • vanuit probleemstellingen de essentie symbolisch noteren en oplossen

    volgende attitudes:

  • ordelijk werken
  • helder, logisch en kritisch denken
  • informatie structureren en verwerken
  • zelfstandig oplossingen voor problemen vinden
  • in team werken
  • veilig en milieubewust met producten en laboratoriumapparatuur omgaan
  • respect tonen voor het werk van anderen en voor het gebruikte materiaal

Ik leer in industriële wetenschappen:

  • mechanica
    • theoretische mechanica en sterkteleer
    • computertekenen
    • meettechnieken
    • automatisatie
  • elektriciteit-elektronica
    • elektrische energie produceren en transporteren
    • hoe verdeelsystemen voor elektrische energie werken en opgebouwd worden
    • analoge signalen (bv. audio signalen) meten, verwerken en interpreteren.
      Bij het bewerken van signalen komen de transistor en de operationele versterker ruim aan bod, zowel in theorie als labo.
    • experimenteren met digitale signalen
    • microcontrollers en andere programmeerbare bouwstenen gebruiken 

Ik leer in de geïntegreerde proef:

De geïntegreerde proef waaraan ik een jaar lang systematisch werk, is een zeer belangrijk onderdeel van mijn opleiding. Ik besteed voldoende aandacht aan wetenschappelijke attitudes en vaardigheden.

Bij de uitvoering van de verschillende opdrachten word ik begeleid door mijn leerkrachten.

Naast de wetenschapsvakken en wiskunde kunnen ook andere vakken betrokken worden.

De opdrachten in verband met de GIP worden als volgt ingevuld:

  • opzoeken en verwerken van informatie rond het gekozen onderwerp
  • uitschrijven van een dossier met een tekstverwerkingspakket
  • maken van een PowerPoint-presentatie

    Tijdens het schooljaar worden mijn prestaties geëvalueerd en in juni verdedig ik mijn GIP voor een jury.

 

Wat leer ik nog in de studierichting “Industriële wetenschappen”?

Ik leer in wiskunde:

  • zelfstandig werken
  • blijven zoeken naar de ideale oplossingswijze
  • wiskundige technieken en methoden voldoende beheersen, ook met gebruik van ict-middelen
  • realiteitsgebonden situaties vertalen naar een wiskundig model en de oplossingen kritisch toetsen
  • logisch redeneren in functie van de specifieke vakken
  • de verworven inzichten in wetenschapsvakken toepassen
  • symbolische tekens gebruiken
  • grote hoeveelheden leerstof verwerken
  • correct en nauwgezet werken

    Ik kies voor 2 uren extra wiskunde en leer specifiek:

  • verdiepingsleerstof verwerven
  • grote hoeveelheden leerstof verwerken
  • kritisch nadenken en inzicht verwerven in bewijzen en stellingen

    Let op! Wanneer je in de tweede graad de leerweg 5 uren wiskunde niet gevolgd hebt, dien je een extra inspanning te doen.

Ik leer in Nederlands:

  • taalvaardigheden verder ontwikkelen (luisteren en kijken, lezen, spreken/gesprekken voeren, schrijven)

    met extra aandacht voor de geïntegreerde proef in het zesde jaar

  • gedichten, romans en toneel beoordelen

Ik leer in Frans en Engels (Duits):

  • vlot en correct taal gebruiken
  • interesse tonen voor de Frans-, Duits- en Engelstalige wereld
  • communicatieve vaardigheden verder ontwikkelen in alledaagse en richtinggebonden situaties
    (luisteren en kijken, lezen, spreken/gesprekken voeren, schrijven)
  • woordenschat uitbreiden, in het bijzonder vakterminologie
 

Welke lessen krijg ik in de studierichting “Industriële wetenschappen”?

 3de graad TSO – Industriële wetenschappen

 

5de jaar

6de jaar

 Aardrijkskunde

1

1

 Engels

2

2

 Frans

2

2

 Geschiedenis

1

1

 Godsdienst

2

2

 Industriële wetenschappen

9

9

 Lichamelijke opvoeding

2

2

 Nederlands

3

3

 Toegepaste chemie

2

2

 Toegepaste fysica

2

2

 Wiskunde

6

6

 Vrije ruimte

2

 

In welke school binnen de scholengemeenschap Aarschot-Betekom kan ik terecht voor de studierichting “Industriële wetenschappen”?

Wat is het profiel van de studierichting “Koel- en warmtechnieken”?

De studierichtingen Mechanische technieken en Elektrotechnieken van de tweede graad bereiden het best voor op deze richting. Er is geen specifieke vooropleiding nodig. Als je afstudeert in deze studierichting kan je kiezen voor onmiddellijke tewerkstelling of verdere studies.

De studierichting Koel-en warmtechnieken is praktijkgericht, maar wordt ondersteund door een theoretische basiskennis. Er is veel aandacht voor uitvoeringsgerichte vaardigheden maar ook voor algemene vorming. Je wordt opgeleid om voorbereidende, uitvoerende en onderhoudswerkzaamheden uit te voeren aan koel- of verwarmingsinstallaties: CV, vloerverwarming, airconditioning, koelkamers, koelkasten, warmtepompen en alternatieve energietoepassingen. De verschillende types, de opbouw, aansluiting, het opstarten, afregelen en problemen diagnosticeren komen aan bod. Je leert capaciteit en rendement bepalen en koel- en warmtekringen ontwerpen. Je krijgt inzicht in de besturing en bewaking van installaties.
   
Hiertoe leer je technische informatie gebruiken. Je leert gegevens verwerken en berekenen, tekeningen en schema’s maken met professionele software. Je verwerft inzicht in de elektrische voorzieningen en schakelschema’s, het elektrisch aansluiten van de installatie.

Je bestudeert de eigenschappen van gassen en vloeistoffen, o.a. stookolie en krijgt inzicht in hun verbranding. Je leert leidingen in metaal en kunststof bewerken en verbinden. Je leert lassen en solderen.

De kroon op je studieloopbaan is de geïntegreerde proef. Enerzijds ontwerp en bestudeer je een huishoudelijke verwarmingsinstallatie, op basis van alternatieve energiebronnen, anderzijds onderzoek je diverse commerciële koelinstallaties.

Welke zijn de specifieke vakken in de studierichting “Koel- en warmtechnieken”?

Ik leer in realisaties koeltechnieken:

aan de hand van volgende projecten:

  • koelkringloop
  • leidingen in de koeltechnieken
  • koelmiddelhandelingen
  • warmtewisselaars
  • compressoren
  • expansieapparatuur
  • koel- en vriesprincipes
  • storingsanalyse
  • ventilatie

Ik leer in realisaties warmtechnieken:

aan de hand van volgende projecten:

  • CV installatie: leidingen
  • CV installatie: componenten
  • CV installatie: regeling
  • CV installatie: in bedrijf stellen
  • klimaatkast en zonneboiler
  • warmtepomp
  • gasinstallatie

Ik krijg de kans om volgende attesten te behalen:

  • cedicol branderattest
  • G1 & G2 gasbranders
  • certificering koeltechnieken
  • VCA veiligheid
  • bedrijfsbeheer

Wat leer ik nog in de studierichting “Koel- en warmtechnieken”?

Ik leer in wiskunde: (toepassingsgerichte benadering)

  • stapsgewijs en in gematigd tempo de leerstof verwerken
  • eenvoudige wiskundige technieken en methoden toepassen,
  • vaak met gebruik van ict-middelen
  • correct en nauwgezet werken
  • symbolische tekens gebruiken
  • numerieke en grafische informatie verwerken
  • simpele realiteitsgebonden situaties wiskundig interpreteren
  • wiskunde waarderen als een onderdeel van onze dagelijkse leefwereld
 

Ik leer in talen:

  • vlot en correct taal gebruiken
  • communicatieve vaardigheden ontwikkelen  in richtinggebonden situaties
    (luisteren en kijken, lezen, spreken/gesprekken voeren, schrijven)
  • woordenschat uitbreiden, in het bijzonder vakterminologie
  • leerbereidheid en motivatie opbrengen voor het leren van talen
 

Welke lessen krijg ik in de studierichting “Koel- en warmtechnieken”?

 

 3de graad TSO – Koel- en warmtechnieken

 

5de jaar

6de jaar

 Aardrijkskunde

1

1

 Frans

2

2

 Geschiedenis

1

1

 Godsdienst

2

2

 Lichamelijke opvoeding

2

2

 Nederlands

2

2

 Realisaties koel- en  
 warmtechnieken

20

20

 Wiskunde

2

2

 Bedrijfsbeheer (facultatief)

2

2

 

In welke school binnen de scholengemeenschap Aarschot-Betekom kan ik terecht voor de studierichting “Koel- en warmtechnieken”?

Damiaaninstituut P. Dergentlaan 220, 3200 AARSCHOT – www.damiaaninstituut.be

Wat is het profiel van de studierichting “Moderealisatie en -verkoop”?

Binnen deze opleiding ligt de klemtoon op de praktijk. De algemene vakken werken ondersteunend. De klemtoon ligt vooral op het leren retoucheren van kledingstukken en op het verwerven van een esthetische en commerciële feeling binnen de brede sector van mode, accessoires, interieur…

Je leert kleding en accessoires ‘van model tot afgewerkt product’ maken. Hierdoor krijg je inzicht in de modeartikelen en leer je efficiënt eenvoudige retouches uitvoeren.

Je leert een geschikt lijnpatroon zoeken en patronen aanpassen aan de individuele maten van het model; hierbij kan een grafisch programma een meerwaarde bieden. Ook train je je in het houden van verkoopsgesprekken en in het verwerven en geven van informatie over grondstoffen, onderhoud, pasvorm.

Je maakt kennis met de verschillende facetten van de verkoop: van het creatief presenteren van modeartikelen, over klanten- en productenkennis, administratie, promotie tot diefstalpreventie. Bij kassa- en voorraadbeheer leer je computerprogramma’s, typisch voor de sector, gebruiken. Tijdens je stages kan je je vaardigheden en kennis in de praktijk toetsen. Bovendien leer je de werking van een modezaak van binnenuit kennen.

Welke zijn de specifieke vakken in de studierichting “Moderealisatie en -verkoop”?

Ik leer in moderealisatie:

  • een outfit te realiseren die ik zelf ga dragen
  • met verschillende materialen werken
  • kleurencombinaties maken
  • mijn creativiteit en esthetisch aanvoelen ontwikkelen
  • alle vaardigheden in het productieproces van een outfit eigen maken
  • industriële machines instellen volgens het gebruikte materiaal
  • industriële machines bedienen en kleine storingen oplossen
  • tijdens een 5-daagse stage in de VDAB mijn vaardigheden omzetten in praktijk
 

Ik leer in verkoopkunde:

  • de juiste verkoopsattitude ontwikkelen
  • het onthaal in een winkel organiseren
  • een klant begroeten en ontvangen
  • een klant observeren in functie van het verkoopsgesprek
  • de juiste aanspreking van mijn klant formuleren
  • de koopmotieven bepalen en koopbehoeften bij de klant opsporen
  • de juiste vragen stellen aan de klant
  • artikelen tonen aan de klant
  • artikelkennis opbouwen
  • informeren,adviseren en argumenteren
  • prijsinformatie geven aan de klant
  • koopbeslissingen forceren
  • de verkoop afronden al dan niet met bijverkoop
  • werken met een kassa- en voorraadprogramma op pc

Ik leer in interieur:

  • verschillende gordijntechnieken uitwerken
  • juiste stofkeuzes maken
  • de vaardigheden in het realisatieproces eigen maken
  • interesse tonen voor techniek
  • realisaties maken in flexibele materialen
  • rond één stijl werken
  • nauwkeurig en zelfstandig opdrachten uitwerken
 

Ik leer in retouches:

  • specifieke machines gebruiken
  • de juiste pasvorm van eenvoudige kledingstukken bepalen
  • de basis van maatsystemen kennen
  • eenvoudige afwerkingdetails herkennen
  • de relatie naadbreedte ↔ retouchering bepalen
  • gegevens van pompkaart juist interpreteren
  • kwaliteitsnormen toepassen

Ik leer in etalages:

  • driedimensionaal etaleren en kleurcombinaties maken van artikelen
  • presentaties maken in de ruimte, een volledige etalage opbouwen
  • creativiteit en het esthetisch aanvoelen ontwikkelen
  • respectvol omgaan met materialen
  • zelfstandig opdrachten uitvoeren
 

Wat leer ik nog in de studierichting “Moderealisatie en -verkoop”?

Ik leer in talen:

  • motivatie opbrengen voor correct taalgebruik in alledaagse en richtinggebonden situaties
  • communicatieve vaardigheden ontwikkelen
    (spreken en gesprekken voeren, luisteren, lezen en schrijven)
  • woordenschat passief en actief gebruiken
 

Ik leer in MAVO:

MAVO wil zeggen maatschappelijke vorming. De nadruk ligt op algemene vorming, actualiteit en zeer praktische kennis. Het is een vak eigen aan deze studierichting. Ik werk rond bepaalde thema’s waarin verschillende algemene vakken (geschiedenis, aardrijkskunde, Nederlands) aan bod komen. Groepswerk neemt een belangrijke plaats in.

Welke lessen krijg ik in de studierichting “Moderealisatie en -verkoop”?

 

 3de graad BSO – Moderealisatie en -verkoop

 

5de jaar

6de jaar

 Engels

0

1

 Etalages

2

2

 Frans

2

2

 Godsdienst

2

2

 Interieur

2

2

 Lichamelijke opvoeding

2

2

 Maatschappelijke vorming

2

2

 Moderealisatie

10

9

 Modetekenen

2

2

 Nederlands

2

2

 Retouches

2

2

 Verkoopkunde

3

0

 Werkplekleren/stages

1

4

In welke school binnen de scholengemeenschap Aarschot-Betekom kan ik terecht voor de studierichting “Moderealisatie en -verkoop”?

Instituut Sancta Maria Kardinaal Mercierstraat 10, 3200 AARSCHOT – www.sanctamaria-aarschot.be

 

Welke aanbevelingen zijn er bij deze overgang?

  • Basis voor realisatie van kledingstukken beheersen
  • Nodige motivatie, handigheid en creativiteit voor het vak mode opbrengen
  • Beheersen van communicatieve vaardigheden nodig bij kledingverkoop

Wat is het profiel van de studierichting “Moderne talen-wetenschappen”?

De logische vooropleiding is de studierichting wetenschappen. Deze studierichting bestaat uit twee componenten: moderne talen en wetenschappen. Deze geven de klemtonen van de studierichting aan. Alle studierichtingen van het Algemeen Secundair Onderwijs (ASO) hebben een uitgesproken doorstromingsfunctie. Dit wil zeggen dat ze enkel en alleen willen voorbereiden op verder studeren in het hoger onderwijs.

De component wetenschappen omvat de vakken aardrijkskunde, biologie, chemie en fysica. Hier wordt tijd en aandacht besteed aan het verzamelen van empirisch feitenmateriaal en aan de inzichtelijke verwerking ervan. Het verzamelen van feitenmateriaal gebeurt onder diverse vormen: experimentele waarneming in het labo, veldwerk, audiovisueel materiaal, gegevens opzoeken uit allerhande bronnen. Je wordt geoefend in het kritisch analyseren en evalueren van dit feitenmateriaal.

In alle ASO-studierichtingen neemt de studie van de moderne talen een belangrijke plaats in. De aandacht gaat naar het ontwikkelen van communicatieve vaardigheden (luisteren, lezen, spreken en schrijven), de reflectie op taal en de kennismaking met literatuur. Accenten liggen op het ontwikkelen van:

  • communicatieve en creatieve competenties in het Nederlands en moderne vreemde talen (bv. lees-strategieën toepassen, literaire smaak ontwikkele);
  • competenties op het vlak van taalbeschouwing (analyse van en reflectie op taalstructuren, communicatie, taalfenomenen);
  • interculturele competenties (literair, filosofisch en historisch bestuderen van culturele achtergronden; culturele diversiteit onderkennen en respecteren).


Welke zijn de specifieke vakken in de studierichting
“Moderne talen-wetenschappen”?

Ik leer in Wetenschappen:  

volgende competenties:

  • interesse en nieuwsgierigheid voor wetenschappen (vertrekkend vanuit mijn leefwereld, demonstratie-proeven en beeldmateriaal) opbrengen
  • kritisch over wetenschappelijke verschijnselen nadenken
  • verbanden tussen leerstof en actualiteit leggen
  • wetenschappelijke taal correct gebruiken
  • wetenschappelijk denken en handelen volgens het OVUR-principe
    (Oriënteren, Voorbereiden, Uitvoeren, Rapporteren en Reflecteren)
    • onderzoeksvragen zelfstandig opstellen
    • zelfstandig kiezen uit een gekend arsenaal van mogelijkheden om waarnemingen weer te geven en gegevens te ordenen
    • directe waarnemingen in het labo en op het terrein (tijdens excursie of veldwerk) verzamelen en analyseren
    • verslagen voorbereiden en zelfstandig afwerken
  • met klassieke (boeken, tabellen, grafieken) en moderne informatiedragers (ict) omgaan
  • vanuit probleemstellingen de essentie symbolisch noteren en oplossen

    volgende attitudes:

  • ordelijk werken
  • helder, logisch en kritisch denken
  • informatie structureren en verwerken
  • zelfstandig oplossingen voor problemen vinden
  • in team werken
  • veilig en milieubewust met producten en laboratoriumapparatuur omgaan
  • respect tonen voor het werk van anderen en voor het gebruikte materiaal

Ik leer in Nederlands:

  • taalvaardigheden (luisteren en kijken, lezen, spreken en gesprekken voeren, schrijven) verder ontwikkelen
  • authentieke taalsituaties bestuderen (taalbeschouwing)
  • literatuur lezen, hierop begeleid reflecteren en ervan genieten
  • historisch inzicht krijgen in een literaire periode en op die manier de literatuur juist duiden
  • onderzoekscompetenties die in vreemde talen worden gerealiseerd voorbereiden
  • mijn zelflerend vermogen ontwikkelen via het gebruik van ict, zelf- en peerevaluatie, groepswerk

Ik leer in Frans en Engels:

  • motivatie opbrengen om talen te leren
  • communicatieve vaardigheden (luisteren en kijken, lezen, spreken en gesprekken voeren, schrijven) verder ontwikkelen
  • grammaticale correctheid nastreven bij het uitvoeren van taaltaken
  • woordenschat passief en actief gebruiken
  • belangstelling voor de Frans- en Engelstalige literatuur en cultuur ontwikkelen
  • onderzoekscompetenties ontwikkelen: informatie verzamelen, ordenen, bewerken en de onderzoeksresultaten rapporteren
  • mijn zelflerend vermogen ontwikkelen via het gebruik van ict, zelf- en peerevaluatie, groepswerk

Ik leer in Duits

  • motivatie opbrengen om deze taal te leren
  • communicatieve vaardigheden (luisteren en kijken, lezen, spreken en gesprekken voeren, schrijven) verder ontwikkelen
  • grammaticale correctheid nastreven bij het uitvoeren van taaltaken
  • woordenschat passief  en actief gebruiken
  • belangstelling voor de Duitstalige literatuur en cultuur ontwikkelen
  • mijn zelflerend vermogen ontwikkelen via het gebruik van ict, zelf- en peerevaluatie, groepswerk

Wat leer ik nog in de studierichting “Moderne talen-wetenschappen”?

Ik leer in wiskunde

  • zelfstandig en op eigen initiatief werken
  • blijven zoeken naar de ideale oplossingswijze
  • wiskundige technieken en methoden voldoende beheersen, ook met gebruik van ict-middelen
  • realiteitsgebonden situaties vertalen naar een wiskundig model en de oplossingen kritisch toetsen 
  • symbolische tekens gebruiken
  • correct en nauwgezet werken
 

Welke lessen krijg ik in de studierichting “Moderne talen-wetenschappen”?

 3de graad ASO – Moderne talen-wetenschappen

 

5de jaar

6de jaar

 

SMA

SJC

SJIB

SMA

SJC

SJIB

 Aardrijkskunde

1

2

1

2

1

2

 Biologie

2

1

2

1

2

1

 Chemie

2

2

2

2

2

2

 Duits

2

2

2

2

2

3

 Engels

3

3

3

3

3

3

 Esthetica

1

1

1

0

1

0

 Frans

5

4

4

4

4

4

 Fysica

2

2

2

2

2

2

 Geschiedenis

2

2

2

2

2

2

 Godsdienst

2

2

2

2

2

2

 Lichamelijke opvoeding

2

2

2

2

2

2

 Nederlands

4

4

4

4

4

4

 Wiskunde

4

4

4

4

4

4

 Vrije ruimte*

0

2

2

2

2

2

Keuzemogelijkheden zijn afhankelijk van de school
SMA: Instituut Sancta Maria – SJC: Sint-Jozefscollege – SJIB: Sint-Jozefsinstituut

In welke school binnen de scholengemeenschap Aarschot-Betekom kan ik terecht voor de studierichting “Moderne talen-wetenschappen”?

  • Instituut Sancta Maria Kardinaal Mercierstraat 10, 3200 AARSCHOT – www.sanctamaria-aarschot.be
  • Sint-Jozefscollege Bekaflaan 65, 3200 AARSCHOT – www.bekaf.sjca.be
  • Sint-Jozefsinstituut Pastoor Pitetlaan 28, 3130 BETEKOM (Middenschool) Prof Sharpélaan 23, 3130 BETEKOM (Bovenbouw) www.sjib.be

Wat is het profiel van de studierichting “Moderne talen-wiskunde”?

Deze studierichting heeft een uitgesproken doorstromingsfunctie. Dit wil zeggen dat ze wil voorbereiden op verder studeren in het hoger onderwijs. Het is niet evident om direct te gaan werken na het beëindigen van je secundaire studies.

De logische vooropleiding is elke studierichting van de tweede graad met leerweg 5 uren wiskunde in de tweede graad. Andere vooropleidingen zijn mogelijk, maar individueel te bekijken. Deze studierichting bestaat uit twee componenten: talen en wiskunde. Deze geven de klemtonen van de studierichting aan. De studierichting bereidt je goed voor op hoger onderwijs, zowel een academische als een professionele bachelor.

In alle ASO-studierichtingen neemt de studie van de moderne talen een belangrijke plaats in. De aandacht gaat naar het ontwikkelen van communicatieve vaardigheden (luisteren, lezen, spreken en schrijven), de reflectie op taal en de kennismaking met literatuur. Accenten liggen op het ontwikkelen van:

  • communicatieve en creatieve competenties in het Nederlands en moderne vreemde talen (bv. leesstra-tegieën toepassen, literaire smaak ontwikkelen);
  • competenties op het vlak van taalbeschouwing (analyse van en reflectie op taalstructuren, communicatie, taalfenomenen);
  • interculturele competenties (literair, filosofisch en historisch bestuderen van culturele achtergronden, culturele diversiteit onderkennen en respecteren).


In deze studierichting klimt het onderwijs in de wiskunde naar een vrij hoog niveau van algemeenheid en ab-stractie. Dit gebeurt via de deelvakken algebra, meetkunde, analyse, statistiek en kansrekening. In de derde graad kan de 6u-cursus wiskunde nog uitgebreid worden met 2u via de vrije ruimte in bepaalde scholen van onze scholengemeenschap. 

 

Welke zijn de specifieke vakken in de studierichting “Moderne talen-wiskunde”?

Ik leer in Wiskunde:  

  • zelfstandig en op eigen initiatief werken
  • blijven zoeken naar de ideale oplossingswijze
  • kritisch nadenken en inzicht verwerven in bewijzen en stellingen
  • wiskundige technieken en methoden voldoende beheersen, ook met gebruik van ict-middelen
  • realiteitsgebonden situaties vertalen naar een wiskundig model en de oplossingen kritisch toetsen
  • een onderzoeksopdracht in team uitvoeren
  • verdiepingsleerstof verwerven
  • abstract en logisch redeneren
  • symbolische tekens gebruiken
  • grote hoeveelheden leerstof verwerken
  • correct en nauwgezet werken

    Let op! Wanneer je in de tweede graad de leerweg 5 uren wiskunde niet gevolgd hebt, dien je een extra inspanning te doen.

Ik leer in Nederlands:

  • taalvaardigheden (luisteren en kijken, lezen, spreken en gesprekken voeren, schrijven) verder ontwikkelen
  • authentieke taalsituaties bestuderen (taalbeschouwing)
  • literatuur lezen, hierop begeleid reflecteren en ervan genieten
  • historisch inzicht krijgen in een literaire periode en op die manier de literatuur juist duiden
  • onderzoekscompetenties die in vreemde talen worden gerealiseerd voorbereiden
  • mijn zelflerend vermogen ontwikkelen via het gebruik van ict, zelf- en peerevaluatie, groepswerk
 

Ik leer in Frans en Engels:

  • motivatie opbrengen om talen te leren
  • communicatieve vaardigheden (luisteren en kijken, lezen, spreken en gesprekken voeren, schrijven) verder ontwikkelen
  • grammaticale correctheid nastreven bij het uitvoeren van taaltaken
  • woordenschat passief en actief gebruiken
  • belangstelling voor de Frans- en Engelstalige literatuur en cultuur ontwikkelen
  • onderzoekscompetenties ontwikkelen: informatie verzamelen, ordenen, bewerken en de onderzoeksresultaten rapporteren
  • mijn zelflerend vermogen ontwikkelen via het gebruik van ict, zelf- en peerevaluatie, groepswerk
 

Ik leer in Duits:

  • motivatie opbrengen om talen te leren
  • communicatieve vaardigheden (luisteren en kijken, lezen, spreken en gesprekken voeren, schrijven) verd
  • grammaticale correctheid nastreven bij het uitvoeren van taaltaken
  • woordenschat passief  en actief gebruiken
  • belangstelling voor de Duitstalige literatuur en cultuur ontwikkelen
  • mijn zelflerend vermogen ontwikkelen via het gebruik van ict, zelf- en peerevaluatie, groepswerk 
 

Wat leer ik nog in de studierichting “Moderne talen-wiskunde”?

Ik leer in wetenschappen (chemie, biologie en fysica):

  • helder, logisch en kritisch denken
  • interesse en nieuwsgierigheid opbrengen voor wetenschappen (vertrekkend vanuit mijn leefwereld, de-monstratieproeven en beeldmateriaal)
  • wetenschappelijk denken en handelen volgens het OVUR-principe
  • (Oriënteren, Voorbereiden, Uitvoeren, Reflecteren en Rapporteren)
  • verslagen  nauwkeurig voorbereiden en zelfstandig afwerken
  • in team werken bij practica
  • veilig handelen met producten en laboratoriumapparatuur
  • met klassieke (boeken, tabellen, grafieken) en moderne informatiedragers (ict) omgaan
  • grafieken met behulp van software maken en interpreteren
  • wetenschappelijke taal correct gebruiken
  • wetenschappelijke informatie structureren en verwerken
  • ordelijk werken 
 

Welke lessen krijg ik in de studierichting “Moderne talen-wiskunde”?

 

 3de graad ASO – Moderne talen-wiskunde

 

5de jaar

6de jaar

 Aardrijkskunde

1

1

 Biologie

1

1

 Chemie

1

1

 Duits

2

2

 Engels

3

3

 Esthetica

1

1

 Frans

4

4

 Fysica

1

1

 Geschiedenis

2

2

 Godsdienst

2

2

 Lichamelijke opvoeding

2

2

 Nederlands

4

4

 Wiskunde

6

6

 Vrije ruimte

2

2

 

In welke school binnen de scholengemeenschap Aarschot-Betekom kan ik terecht voor de studierichting “Moderne talen-wiskunde”?

Sint-Jozefscollege Bekaflaan 65, 3200 AARSCHOT – www.bekaf.sjca.be

Wat is het profiel van de studierichting “Techniek-wetenschappen”?

Logische vooropleidingen zijn de studierichtingen Biotechnische wetenschappen of Techniek-wetenschappen. Dit is een theoretische studierichting. De nadruk ligt op de studie van de toegepaste wetenschappen (biologie, fysica en vooral chemie) en op het onderzoek in het laboratorium. Wiskunde is een erg belangrijke component.

In deze studierichting word je voorbereid om succesvolle studies hoger onderwijs van het niveau professionele bachelor binnen het domein wetenschappen aan te vatten. De taalcomponent bereidt je voor op de praktische communicatie en op het lezen van vakliteratuur en handleidingen. Wiskunde is van een hoog niveau en volgt hetzelfde leerplan als in de studierichtingen Biotechnische wetenschappen en Industriële wetenschappen.

Deze richting steunt op de volgende pijlers:

  • theoretische inzichten in de biologie, de chemie en de fysica met de ondersteunende wiskundige principes en afleidingen komen aan bod. In vergelijking met wetenschappelijke richtingen in het ASO worden hier meer de toepassingen beklemtoond;
  • door een ruim aanbod van laboratoriumproeven waarin de theorie getoetst wordt aan de werkelijkheid verwerf je concrete technische en praktische vaardigheden;
  • voor het verwerken van meetresultaten en het simuleren van processen zijn naast de wiskundige ook ict-vaardigheden vereist;
  • de concrete maatschappelijke toepassingen en mogelijkheden van de techniek en de wetenschappen worden getoetst op hun verantwoord gebruik, rekening houdend met gezondheid, natuur en milieu.

 

Welke zijn de specifieke vakken in de studierichting “Techniek-wetenschappen”?

Ik leer in toegepaste wetenschappen: (praktische benadering)

  • laboratoriumtechnieken eigen maken
  • geleidelijk aan volledig zelfstandig werken in het wekelijkse labo

    volgende competenties:

  • interesse en nieuwsgierigheid voor wetenschappen (vertrekkend vanuit mijn leefwereld, demonstratieproeven en beeldmateriaal) opbrengen 
  • kritisch over wetenschappelijke verschijnselen nadenken
  • verbanden leggen tussen leerstof en actualiteit 
  • wetenschappelijke taal correct gebruiken
  • wetenschappelijk denken en handelen volgens het OVUR-principe
    (Oriënteren, Voorbereiden, Uitvoeren, Rapporteren en Reflecteren)
    • onderzoeksvragen zelfstandig opstellen
    • zelfstandig kiezen uit een gekend arsenaal van mogelijkheden om waarnemingen weer te geven en gegevens te ordenen
    • directe waarnemingen in het labo verzamelen en analyseren
    • wekelijks verslagen voorbereiden en zelfstandig afwerken
  • met klassieke (boeken, tabellen, grafieken) en moderne informatiedragers (ict) omgaan
  • vanuit probleemstellingen de essentie symbolisch noteren en oplossen

    volgende attitudes:

  • ordelijk werken
  • helder, logisch en kritisch denken
  • informatie structureren en verwerken
  • zelfstandig oplossingen voor problemen vinden
  • in team werken
  • veilig en milieubewust met producten en laboratoriumapparatuur omgaan
  • respect tonen voor het werk van anderen en voor het gebruikte materiaal

Ik leer in de geïntegreerde proef:

De geïntegreerde proef, waaraan ik een jaar lang systematisch werk, is een zeer belangrijk onderdeel van mijn opleiding. De opdracht heeft een groepskarakter waarbij ik mijn individuele verantwoordelijkheid opneem.

Ik besteed voldoende aandacht aan wetenschappelijke attitudes en vaardigheden.

Bij de uitvoering van de verschillende opdrachten word ik begeleid door mijn leerkrachten.

Naast de wetenschapsvakken en wiskunde kunnen ook andere vakken betrokken worden, zoals Nederlands, Frans, Engels en aardrijkskunde.

De opdrachten in verband met de GIP worden als volgt ingevuld:

  • opzoeken van informatie rond het gekozen thema
  • uitschrijven van een zelfgemaakte tekst met een tekstverwerkingspakket
  • opstellen, uitvoeren en verwerken van een enquête
  • opzoeken, uitvoeren en verwerken van practica

    Tijdens het schooljaar worden mijn prestaties geëvalueerd en in juni verdedig ik mijn GIP voor een jury. 

     

 

Wat leer ik nog in de studierichting “Techniek-wetenschappen”?

Ik leer in wiskunde:

  • zelfstandig werken
  • blijven zoeken naar de ideale oplossingswijze
  • wiskundige technieken en methoden voldoende beheersen, ook met gebruik van ict-middelen
  • realiteitsgebonden situaties vertalen naar een wiskundig model en de oplossingen kritisch toetsen
  • logisch redeneren in functie van de specifieke vakken
  • de verworven inzichten in wetenschapsvakken toepassen
  • symbolische tekens gebruiken
  • grote hoeveelheden leerstof verwerken
  • correct en nauwgezet werken

    Let op! Wanneer je in de tweede graad de leerweg 5 uren wiskunde niet gevolgd hebt, dien je een extra inspanning te doen.

Ik leer in Nederlands:

  • taalvaardigheden verder ontwikkelen (luisteren en kijken, lezen, spreken/gesprekken voeren, schrijven) met extra aandacht voor de geïntegreerde proef in het zesde jaar
  • gedichten, romans en toneel gefundeerd beoordelen
 

Ik leer in Frans en Engels:

  • vlot en correct taal gebruiken
  • interesse tonen voor de Frans- en Engelstalige wereld
  • communicatieve vaardigheden verder ontwikkelen in alledaagse en richtinggebonden situaties
    (luisteren en kijken, lezen, spreken/gesprekken voeren, schrijven)
  • woordenschat uitbreiden, in het bijzonder vakterminologie
 

Welke lessen krijg ik in de studierichting “Techniek-wetenschappen”?

 

 3de graad TSO – Techniek-wetenschappen

 

5de jaar

6de jaar

 Aardrijkskunde

1

1

 Engels

2

2

 Frans

2

2

 Geschiedenis

1

1

 Godsdienst

2

2

 Lichamelijke opvoeding

2

2

 Nederlands

4

4

 Toegepaste biologie

3

2

 Toegepaste chemie

5

6

 Toegepaste fysica

4

4

 Wiskunde

6

6

 

In welke school binnen de scholengemeenschap Aarschot-Betekom kan ik terecht voor de studierichting “Techniek-wetenschappen”?

Wat is het profiel van de studierichting “Verzorging”?

Deze studierichting bereidt je voor op beroepen in de kinder-, bejaarden- en thuiszorg. Vanuit de theorielessen krijg je informatie aangereikt waarmee je in de praktijk aan de slag kan. De klemtoon ligt eerder op de praktijk.

Als je instroomt in de derde graad Verzorging verwachten wij van jou vooral een sociale ingesteldheid. Het is belangrijk dat je graag met mensen omgaat, voornamelijk met de hulpbehoevenden in onze samenleving (zoals baby’s, peuters en bejaarden); en dat je hulpvaardig en empathisch bent.

Je leert omgaan met jezelf, collega’s en met mensen die zorg nodig hebben in dagelijkse situaties. In je opleiding komt zowel de ontwikkeling van baby’s en peuters, als het proces van het ouder worden aan bod. Je krijgt aandacht voor relaties, gedrag, communicatie, omgangsvormen.

Je traint je in het observeren en rapporteren, in het samenwerken met andere verzorgers. Je leert over EHBO, gezonde voeding en de basis van dieetleer. Je leert zelf baby- en kindervoeding klaarmaken en bereidt maaltijden die tegelijkertijd gezond en lekker zijn. Ook de eenvoudige, dagelijkse verzorging van zorgbehoevende ouderen (wassen, begeleiden bij toilet en maaltijden) komt aan bod.

Je leert de elementaire noden van de hulpvragers kennen: voeding, voldoende (nacht)rust, vaste routines, veilig gebruik van geneesmiddelen, hygiëne, (comfortabele) kledij, aangepaste woning, aandacht en begrip.
Tijdens stages maak je kennis met je toekomstige werksituatie en op school word je wegwijs gemaakt in sociaal en gezondheidsrecht, je rechten en plichten.

Indien het nodig blijkt vanuit de praktijklessen kan de leerkracht verzorging tijdens de speeltijd of na school extra oefenmomenten voorzien in verband met bedden opmaken, wassen van zorgvragers, handhygiëne.

Voor de geïntegreerde proef in het zesde jaar tellen zowel je stage als stageopdrachten mee. Verder zijn er doorheen het schooljaar twee vakoverschrijdende projecten, waarvan één project focust op jonge kinderen en één verder inzoomt op bejaarden.
Op het einde van dit zesde schooljaar volgt in het kader van de GIP nog een mondelinge voorstelling voor een interne en externe jury waarbij theoretische kennis wordt getoetst. Deze voorstelling is vergelijkbaar met een sollicitatiegesprek, en vertrekt vanuit een aantal praktijksituaties.

Tijdens de stageperiodes wordt theorie in praktijk omgezet. De stages vinden plaats bij bejaarden (in een woon- en zorgcentrum), bij jonge kinderen (in een kinderdagverblijf) en in het zesde jaar ook eenmaal in de thuiszorg. De stages worden georganiseerd in blokken van drie of vier weken. Zo heb je uitgebreid de kans om aangeleerde vaardigheden toe te passen in reële situaties.

Welke zijn de specifieke vakken in de studierichting “Verzorging”?

Ik leer in verzorging:

  • de ontwikkeling van de mens van baby tot bejaarde kennen
  • mensen (van baby tot bejaarde) verzorgen, gaande van gezonde personen tot zwaar hulpbehoevende personen
  • hygiëne in acht nemen
  • dagelijkse zorgen toedienen 
  • op een respectvolle en liefdevolle wijze omgaan met anderen
    (het kind, de bejaarde, de familie, collega’s, …)
  • praktische handelingen stellen zoals het opmaken van een bed, het bereiden van voeding, het ontsmetten van speelgoed, …   
 

Wat leer ik nog in de studierichting “Verzorging”?

Ik leer in talen

  • motivatie opbrengen voor correct taalgebruik in alledaagse en richtinggebonden situaties
  • communicatieve vaardigheden ontwikkelen
    (spreken en gesprekken voeren, luisteren, lezen en schrijven)
  • woordenschat passief en actief gebruiken
 

Ik leer in MAVO

MAVO wil zeggen maatschappelijke vorming, een vak eigen aan deze studierichting.  De nadruk ligt op algemene vorming, actualiteit en zeer praktische kennis. Ik werk rond bepaalde thema’s waarin verschillende algemene vakken (geschiedenis, aardrijkskunde, Nederlands) aan bod komen. Groepswerk neemt een belangrijke plaats in.

 

Welke lessen krijg ik in de studierichting “Verzorging”?

 3de graad BSO – Verzorging

 

5de jaar

6de jaar

 Frans

2

2

 Godsdienst

2

2

 Lichamelijke opvoeding

2

2

 Maatschappelijke vorming

2

2

 Nederlands

2

2

 Stages

10

10

 Verzorging

12

12


In welke school binnen de scholengemeenschap Aarschot-Betekom kan ik terecht voor de studierichting “Verzorging”?

Wat is het profiel van de studierichting “Wetenschappen-wiskunde”?

De logische vooropleiding is in de tweede graad de studierichting Wetenschappen. Deze studierichting bestaat uit twee componenten: wetenschappen en wiskunde. Deze geven de klemtonen van de studierichting aan. Alle studierichtingen van het Algemeen Secundair Onderwijs (ASO) hebben een uitgesproken doorstromingsfunctie. Dit wil zeggen dat ze enkel en alleen willen voorbereiden op verder studeren in het hoger onderwijs.

De component wetenschappen omvat de vakken aardrijkskunde, biologie, chemie en fysica. Hier wordt tijd en aandacht besteed aan het verzamelen van empirisch feitenmateriaal en aan de inzichtelijke verwerking ervan. Het verzamelen van feitenmateriaal gebeurt onder diverse vormen: experimentele waarneming in het labo, veldwerk, audiovisueel materiaal, gegevens opzoeken uit allerhande bronnen. Je wordt geoefend in het kritisch analyseren en evalueren van dit feitenmateriaal.

In deze studierichting klimt het onderwijs in de wiskunde naar een vrij hoog niveau van algemeenheid en abstractie. Dit gebeurt via de deelvakken algebra, meetkunde, analyse, statistiek en kansrekening. In de derde graad kan de 6u-cursus wiskunde nog uitgebreid worden met 2u via de vrije ruimte in bepaalde scholen van onze scholengemeenschap.

Ook in deze richting neemt de studie van de moderne talen een belangrijke plaats in. De aandacht gaat naar het ontwikkelen van communicatieve vaardigheden (luisteren, lezen, spreken en schrijven), de reflectie op taal en de kennismaking met anderstalige literatuur. Accenten liggen op het ontwikkelen van:

  • communicatieve en creatieve competenties in het Nederlands en moderne vreemde talen (b.v. leesstrategieën toepassen, literaire smaak ontwikkelen);
  • competenties op het vlak van taalbeschouwing (analyseren van en reflecteren over taalstructuren, communicatie, taalfenomenen, …);
  • interculturele competenties (literair, filosofisch en historisch bestuderen van culturele achtergronden; culturele diversiteit onderkennen en respecteren).

 

Welke zijn de specifieke vakken in de studierichting “Wetenschappen-wiskunde”?

Ik leer in wiskunde:

  • zelfstandig en op eigen initiatief werken
  • blijven zoeken naar de ideale oplossingswijze
  • kritisch nadenken en inzicht verwerven in bewijzen en stellingen
  • wiskundige technieken en methoden voldoende beheersen, ook met gebruik van ict-middelen
  • realiteitsgebonden situaties vertalen naar een wiskundig model en de oplossingen kritisch toetsen
  • een onderzoeksopdracht in team uitvoeren
  • verdiepingsleerstof verwerven
  • abstract en logisch redeneren
  • symbolische tekens gebruiken
  • grote hoeveelheden leerstof verwerken
  • correct en nauwgezet werken

    Let op! Wanneer je in de tweede graad de leerweg 5 uren wiskunde niet gevolgd hebt, dien je een extra inspanning te doen.

Ik leer in wetenschappen:

volgende competenties:

  • interesse en nieuwsgierigheid voor wetenschappen (vertrekkend vanuit mijn leefwereld, demonstratieproeven en beeldmateriaal) opbrengen
  • kritisch over wetenschappelijke verschijnselen nadenken
  • verbanden leggen tussen leerstof en actualiteit
  • wetenschappelijke taal correct gebruiken
  • wetenschappelijk denken en handelen volgens het OVUR-principe
    (Oriënteren, Voorbereiden, Uitvoeren, Rapporteren en Reflecteren)
    • onderzoeksvragen zelfstandig opstellen
    • zelfstandig kiezen uit een gekend arsenaal van mogelijkheden om waarnemingen weer te geven en gegevens te ordenen
    • directe waarnemingen in het labo en op het terrein (tijdens excursie of veldwerk) verzamelen en analyseren
    • verslagen voorbereiden en zelfstandig afwerken
  • met klassieke (boeken, tabellen, grafieken) en moderne informatiedragers (ict) omgaan
  • vanuit probleemstellingen de essentie symbolisch noteren en oplossen

    volgende attitudes:

  • ordelijk werken
  • helder, logisch en kritisch denken
  • informatie structureren en verwerken
  • zelfstandig oplossingen voor problemen vinden
  • in team werken
  • veilig en milieubewust met producten en laboratoriumapparatuur omgaan
  • respect tonen voor het werk van anderen en voor het gebruikte materiaal
 

Wat leer ik nog in de studierichting “Wetenschappen-wiskunde”?

Ik leer in Nederlands:

  • taalvaardigheden (luisteren en kijken, lezen, spreken en gesprekken voeren, schrijven)
  • verder ontwikkelen
  • authentieke taalsituaties bestuderen (taalbeschouwing)
  • literatuur lezen, hierop begeleid reflecteren en ervan genieten
  • historisch inzicht krijgen in een literaire periode en op die manier de literatuur juist duiden
  • onderzoekscompetenties voorbereiden
  • mijn zelflerend vermogen ontwikkelen via het gebruik van ict, zelf- en peerevaluatie, groepswerk 
 

Ik leer in Frans en Engels:

  • motivatie opbrengen om talen te leren
  • communicatieve vaardigheden (luisteren en kijken, lezen, spreken en gesprekken voeren, schrijven) verder ontwikkelen
  • grammaticale correctheid nastreven bij het uitvoeren van taaltaken
  • woordenschat passief  en actief gebruiken
  • belangstelling voor de Frans- en Engelstalige literatuur en cultuur ontwikkelen
  • mijn zelflerend vermogen ontwikkelen via het gebruik van ict, zelf- en peerevaluatie, groepswerk
 

Welke lessen krijg ik in de studierichting “Wetenschappen-wiskunde”?

 3de graad ASO – Wetenschappen-wiskunde

 

5de jaar

6de jaar

 

DIA

SMA

SJC

SJIB

DIA

SMA

SJC

SJIB

 Aardrijkskunde

2

1

2

1

1

2

1

2

 Biologie

1

2

1

2

2

1

2

1

 Chemie

2

2

2

2

3

3

2

2

 Duits

 

2/0

 

 

 

1/0

 

 

 Engels

2

2

2

2

2

2

2

2

 Esthetica

1

1

1

1

1

0

1

0

 Frans

3

3

3

3

3

3

3

3

 Fysica

3

3

2

2

2

2

2

2

 Geschiedenis

2

2

2

2

2

2

2

2

 Godsdienst

2

2

2

2

2

2

2

2

 Lichamelijke opvoeding

2

2

2

2

2

2

2

2

 Nederlands

4

4

4

4

4

4

4

4

 Vrije ruimte*

2

0

3

3

2

3

3

3

 Wiskunde

6

6/8

6

6

6

6/7

6

6

Keuzemogelijkheden zijn afhankelijk van de school
DIA: Damiaaninstituut – SMA: Instituut Sancta Maria – SJC: Sint-Jozefscollege – SJIB: Sint-Jozefsinstituut 

In welke school binnen de scholengemeenschap Aarschot-Betekom kan ik terecht voor de studierichting “Wetenschappen-wiskunde”?

  • Damiaaninstituut P. Dergentlaan 220, 3200 AARSCHOT – www.damiaaninstituut.be
  • Instituut Sancta Maria Kardinaal Mercierstraat 10, 3200 AARSCHOT – www.sanctamaria-aarschot.be
  • Sint-Jozefscollege Bekaflaan 65, 3200 AARSCHOT – www.bekaf.sjca.be
  • Sint-Jozefsinstituut Pastoor Pitetlaan 28, 3130 BETEKOM (Middenschool) Prof Sharpélaan 23, 3130 BETEKOM (Bovenbouw) www.sjib.be

Wat is het profiel van de studierichting “Accountancy en IT”?

De logische vooropleiding is de tweede graad TSO Ondernemen en IT (Handel). De derde graad Accountancy en IT is een handelsrichting en bereidt voor op verder studeren in hoger onderwijs (professionele bachelor).

In Accountancy en IT word je opgeleid voor een commerciële of een administratieve loopbaan in het bedrijfsleven, de overheidsadministratie of de dienstensector. Er is een ruime bedrijfseconomische vorming met specifieke aandacht voor boekhouding en toegepaste informatica.

In de derde graad Accountancy en IT worden kennis, vaardigheden en attitudes op een concrete en praktische wijze verworven. Via disciplinedoorbrekende opdrachten vanuit bedrijfseconomisch oogpunt verwerf je allerlei vaardigheden en attitudes, belangrijk in het hoger onderwijs en het arbeidsveld. De opdrachten kunnen zowel in als buiten de school georganiseerd worden in het kader van bedrijfsbezoeken, seminaries (ondernemer voor de klas, educatieve spelen) en stages, … In het zesde jaar is een blokstage van twee weken voorzien.

Je behaalt op het einde van de derde graad het attest van bedrijfsbeheer als je voor het vak bedrijfseconomie slaagt.

Welke zijn de specifieke vakken in de studierichting “Accountancy en IT”?

Ik leer in bedrijfseconomie:

Het vak Bedrijfseconomie is een geïntegreerd vak waarin bedrijfseconomische aspecten, boekhoudkundige aspecten, juridische aspecten, zakelijk-communicatieve aspecten en informatica-aspecten (ict) aan bod komen in de context van het beroep van boekhouder binnen deze onderneming of binnen een boekhoudkantoor.

Ik leer in toegepaste informatica:

In het vak toegepaste informatica komen informatica-aspecten (programmeren) aan bod in de context van het automatiseren van bedrijfsadministratieve toepassingen met toepassingssoftware enerzijds en de ontwikkeling van databanken en een gebruiksvriendelijke (web)toepassing anderzijds.

  • met verschillende softwarepakketten werken
  • software en websites ontwikkelen
  • zelfredzaamheid en zelfstandig werken
  • gestructureerd denken en logisch redeneren
  • bij het uitwerken van computertoepassingen de vergaarde kennis gebruiken
  • boekhouden binnen een informaticaomgeving toepassen
  • bedrijfsadministratieve problemen met een professioneel softwarepakket oplossen

Ik leer in de geïntegreerde proef:

Omdat het vak bedrijfseconomie een geïntegreerd geheel vormt van bedrijfseconomische, boekhoudkundige, commerciële, juridische, zakelijk-communicatieve en informatica aspecten, ligt het voor de hand dat alle deelgebieden in het kader van de geïntegreerde proef aan bod komen. De opdrachten kunnen zowel een individueel karakter als een groepskarakter of een combinatie van beiden vertonen.

Wat leer ik nog in de studierichting “Accountancy en IT”?

Ik leer in wiskunde: (minder theoretische benadering)

  • stapsgewijs de leerstof verwerken
  • wiskundige technieken en methoden voldoende beheersen, ook met gebruik van ict-middelen
  • correct en nauwgezet werken
  • symbolische tekens gebruiken
  • numerieke en grafische informatie verwerken
  • eenvoudige realiteitsgebonden situaties vertalen naar een wiskundig model en de oplossingen kritisch toetsen
  • wiskunde waarderen als een onderdeel van onze dagelijkse leefwereld

Ik leer in natuurwetenschappen worden biologie, chemie en fysica geïntegreerd aangeboden via thema’s:

  • helder, logisch en kritisch denken
  • informatie structureren en verwerken
  • reproduceren en geheugen trainen
  • eenvoudige wiskunde toepassen in realiteitsgebonden situaties
  • interesse en nieuwsgierigheid opbrengen voor wetenschappen (vertrekkend vanuit mijn leefwereld, demonstratieproeven en beeldmateriaal)
  • veilig, ordelijk en milieubewust werken

Ik leer in Nederlands:

  • taalvaardigheden verder ontwikkelen (luisteren en kijken, lezen, spreken/gesprekken voeren, schrijven); voornamelijk in het zesde jaar is dit toegespitst op de geïntegreerde proef
  • literatuur lezen en hierop reflecteren

 Ik leer in Frans en Engels:

  • motivatie opbrengen om talen te gebruiken in alledaagse en richtinggebonden situaties 
  • vlot en correct taal gebruiken
  • interesse tonen voor de Frans- en Engelstalige wereld
  • communicatieve vaardigheden ontwikkelen
    (luisteren en kijken, lezen, spreken/gesprekken voeren, schrijven)
  • woordenschat uitbreiden, in het bijzonder vakterminologie
 

Welke lessen krijg ik in de studierichting “Accountancy en IT”?

 

 3de graad TSO – Accountancy en IT

 

5de jaar

6de jaar

 Aardrijkskunde

1

1

 Engels

2

2

 Frans

3

3

 Geschiedenis

1

1

 Godsdienst

2

2

 Lichamelijke opvoeding

2

2

 Natuurwetenschappen

1

1

 Nederlands

3

3

 Bedrijfseconomie

7

7

 Toegepaste informatica

6

6

 Wiskunde

4


In welke school binnen de scholengemeenschap Aarschot-Betekom kan ik terecht voor de studierichting “Accountancy en IT”?

Instituut Sancta Maria Kardinaal Mercierstraat 10, 3200 AARSCHOT – www.sanctamaria-aarschot.be

 

Welke aanbevelingen zijn er bij deze overgang?

De voorkennis van de jongere die in de derde graad Accountancy en IT begint kan verscheiden zijn:
Je komt uit de tweede graad:

  • Economie:
    Er wordt een inspanning verwacht voor het verwerven van boekhoudkundige principes. Een basiskennis van het Office-pakket is zeker een pluspunt. Tienvingerblind kunnen typen is een aanrader.
  • uit een andere ASO- of TSO-studierichting:
    Er wordt een inspanning verwacht voor het verwerven van boekhoudkundige principes. Een basiskennis van het Office-pakket is zeker een pluspunt. Je toont interesse voor de economische actualiteit. Ondernemingszin is een troef. Tienvingerblind kunnen typen is een aanrader.

Wiskundige basisvaardigheden zijn een must in deze studierichting (rekenvaardigheden, basisalgebra, vergelijkingen oplossen, grafieken van eerstegraadsvergelijkingen, grafieken en tabellen analyseren)

Met welke bijwerkactiviteiten dien ik rekening te houden bij deze overgang?

Bedrijfseconomie:

  • inhaaluur boekhouden (vraaggestuurd en mogelijk voor het hele schooljaar)
  • basis Office-pakket op zelfstandige basis
  • optioneel inhaalpakket tienvingerblind typen

Wat is het profiel van de studierichting “Architecturale vorming”?

KSO-studierichtingen met het achtervoegsel ‘vorming’ zijn theoretisch sterker uitgebouwd dan studierichtingen met het achtervoegsel ‘kunst’ of ‘opleiding’.
Het niveau dat men in deze studierichting nastreeft in het vak wiskunde kan je vergelijken met dat van sterk wiskundige ASO- en TSO-studierichtingen. Daarnaast scherp je je artistieke en culturele interesses aan, ontwikkel je je creativiteit, waarneming, ruimtelijk inzicht en leer je ontwerpen in een beeldende en architecturale context. Je leert beeldtaal en vaktaal gebruiken.

In architecturale vorming  leer je exact tekenen. Je maakt projectietekeningen van grondvlakken, zijaanzichten en voorstellen met grafische computertoepassingen en met verschillende tekeninstrumenten.
Je maakt kennis met de basisprincipes van de architectuur en de industriële vormgeving. Je leert elementaire bouwmaterialen en constructies kennen.

In het vak kunstgeschiedenis leer je de kunstwereld op een chronologische manier te benaderen. Alle kunstuitingen (beeldende kunst, architectuur, audiovisuele kunst, muziek, ballet, dans) komen aan bod in kunstgeschiedenis en kunstinitiatie. In het vak kunstinitiatie verken je de kunstwereld vanuit de actualiteit.

Je beschikt over een ruime interesse voor de maatschappelijke culturele activiteiten.  Je bezoekt graag tentoonstellingen, musea, concerten, fysieke en virtuele ruimtes…

In het zesde jaar werk je gedurende twee trimesters (2 uren per week) aan een geïntegreerde proef. Deze bestaat uit een theoretisch gedeelte en een praktisch gedeelte. Deze opdracht kadert binnen een opgelegd thema dat je zelfstandig uitwerkt.

 

Welke zijn de specifieke vakken in de studierichting “Architecturale vorming”?

Deze competenties zullen mij zeker helpen in de studierichting Architecturale vorming:

  • artistieke aanleg en interesse
  • gedrevenheid
  • doorzettingsvermogen
  • organisatietalent
  • stiptheid
  • open en creatieve geest
  • zin voor initiatief
  • kritische ingesteldheid
  • culturele en wetenschappelijke belangstelling
  • zelfstandig werken
  • een grote kunstbeleving tonen
  • beeldtaal en vaktaal kennen en gebruiken

Ik leer in architectuuranalyse:

  • concrete architectuurtoepassingen opzoeken en bespreken 
  • een referentiekader ontwikkelen van goede architectuurvoorbeelden
  • specifieke belangstelling ontwikkelen voor architectuur in een maatschappelijke context

Ik leer in kunstgeschiedenis:

  • de opeenvolgende stijlperiodes in de architectuur, beeldhouwkunst en schilderkunst kennen

Ik leer in kunstinitatie:

  • de kunstwereld vanuit de actualiteit verkennen door schrijf- en presentatieopdrachten
  • tentoonstellingen en culturele evenementen bezoeken

Ik leer in ruimtelijke vormgeving:

  • inzicht verwerven in de architecturale ruimte via construeren en manipuleren van geometrische en organische vormen
  • relaties leggen tussen vormgeving/architectuur en haar omgeving
  • experimenteren met materialen

Ik leer in architecturaal tekenen:

  • de principes en het maken van tekeningen in loodrechte projectie, axonometrie en centr’aal perspectief
  • conventies voor bouwtekeningen
  • driedimensionale voorstellingen van geometrische lichamen maken
  • tekenen met AutoCAD

Ik leer in presentatietechnieken:

  • presentatiemaquettes en presentatietekeningen maken

Ik leer in aanvulling tekenen:

  • waarnemingstekenen
  • teken- en schildertechnieken
  • kleurenleer
  • beeldende presentatietechnieken
  • digitale beeldbewerkingtechnieken
 

Wat leer ik nog in de studierichting “Architecturale vorming”?

Ik leer in wiskunde:

  • zelfstandig en op eigen initiatief werken
  • blijven zoeken naar de ideale oplossingswijze
  • kritisch nadenken en inzicht verwerven in bewijzen en stellingen
  • wiskundige technieken en methoden voldoende beheersen, ook met gebruik van ict-middelen
  • realiteitsgebonden situaties vertalen naar een wiskundig model en de oplossingen kritisch toetsen
  • verdiepingsleerstof verwerven
  • abstract en logisch redeneren
  • symbolische tekens gebruiken
  • grote hoeveelheden leerstof verwerken
  • correct en nauwgezet werken

Ik leer in natuurwetenschappen:

In het vak natuurwetenschappen worden biologie, chemie en fysica geïntegreerd aangeboden via thema’s.

  • helder, logisch en kritisch denken
  • informatie structureren en verwerken
  • reproduceren en geheugen trainen
  • formules in concrete dagelijkse toepassingen interpreteren
  • eenvoudige kwalitatieve experimenten uitvoeren
  • aandacht opbrengen voor veiligheid in het labo
  • ordelijk werken
  • naast teksten ook tabellen en grafieken interpreteren
  • verbanden tussen wetenschap en samenleving leggen

Ik leer in Nederlands:

  • taalvaardigheden (luisteren en kijken, lezen, spreken en gesprekken voeren, schrijven)
  • verder ontwikkelen, met extra aandacht voor de geïntegreerde proef in het zesde jaar
  • authentieke taalsituaties bestuderen (taalbeschouwing)
  • literatuur lezen, hierop begeleid reflecteren en ervan genieten
  • historisch inzicht krijgen in een literaire periode en op die manier de literatuur juist duiden
  • onderzoekscompetenties voorbereiden
  • mijn zelflerend vermogen ontwikkelen via het gebruik van ict, zelf- en peerevaluatie, groepswerk

 Ik leer in Frans en Engels:

  • motivatie opbrengen om talen te leren
  • communicatieve vaardigheden (luisteren en kijken, lezen, spreken en gesprekken voeren, schrijven) verder ontwikkelen
  • grammaticale correctheid nastreven bij het uitvoeren van taaltaken
  • woordenschat passief  en actief gebruiken
  • belangstelling voor de Frans- en Engelstalige literatuur en cultuur ontwikkelen
  • mijn zelflerend vermogen ontwikkelen via het gebruik van ict, zelf- en peerevaluatie, groepswerk 
 

Welke lessen krijg ik in de studierichting “Architecturale vorming”?

 

 3de graad KSO – Architecturale vorming

 

5de jaar

6de jaar

 Aanvulling tekenen

2

2

 Aardrijkskunde

1

1

 Architecturaal tekenen

3

3

 Architectuuranalyse

1

1

 Engels

2

2

 Frans

3

3

 Geschiedenis

1

1

 Godsdienst

2

2

 Kunstgeschiedenis

2

2

 Kunstinitiatie

1

1

 Lichamelijke opvoeding

2

2

 Natuurwetenschappen

2

2

 Nederlands

4

4

 Presentatietechnieken

1

1

 Ruimtelijke vormgeving*

3

3

 Wiskunde

6

6

  * inclusief geïntegreerde proef

In welke school binnen de scholengemeenschap Aarschot-Betekom kan ik terecht voor de studierichting “Architecturale vorming”?

Sint-Jozefscollege Bekaflaan 65, 3200 AARSCHOT – www.bekaf.sjca.be

Welke aanbevelingen zijn er bij deze overgang?

Ik neem deel aan een adviserende oriënteringsproef die de school aanbiedt. Deze proef zal bepalen of ik over de nodige basiscompetenties en vaardigheden beschik om in te stromen in deze studierichting.

Wiskundige vaardigheden zijn een must in deze studierichting (rekenvaardigheden, basisalgebra, vergelijkingen omvormen en oplossen, grafieken en tabellen opstellen en analyseren).
Wanneer je in de tweede graad de leerweg 5 uren wiskunde niet gevolgd hebt, dien je een extra inspanning te doen.

Deze studierichting vraagt van jou op het vlak van talen het volgende:

  • het belang van vreemde talen inzien
  • bereidheid om (indien nodig) een inhaalbeweging te doen voor grammatica en woordenschat
  • aandacht voor correct taalgebruik

Met welke bijwerkactiviteiten dien ik rekening te houden bij deze overgang?

Kunstgeschiedenis:

tijdens de vakantie verdiep ik mij in de leerstof van het vak kunstgeschiedenis van de tweede graad Beeldende en architecturale vorming aan de hand van een studiewerk.

Architecturaal tekenen:

tijdens de vakantie verdiep ik mij in de leerstof van het vak architecturale vorming van de tweede graad Beeldende en architecturale vorming aan de hand van een studiewerk (bv. projectietekenen). 

Wat is het profiel van de studierichting “Beeldende vorming”?

KSO-studierichtingen met het achtervoegsel ‘vorming’ zijn theoretisch sterker uitgebouwd dan studierichtingen met het achtervoegsel ‘kunst’ of ‘opleiding’
In deze studierichting scherp je je artistieke en culturele interesses aan, ontwikkel je je creativiteit, waarneming, ruimtelijk inzicht en leer je ontwerpen in een beeldende context. Je leert beeldtaal en vaktaal gebruiken.

Binnen beeldende vorming maak je kennis met verschillende technieken en materialen waarmee je boodschappen of inhouden kan voorstellen. Zowel in het platte vlak als in de ruimte. Je besteedt heel wat tijd aan het uitwerken van praktische opdrachten. Je leert vormgeven met verschillende materialen.

In waarnemingstekenen leer je tekenen wat je ziet. Je gebruikt hiervoor potlood, krijt, pastel, houtskool, inkt en allerlei materialen. Al doende krijg je inzicht in vorm, ruimte, kleur, compositie…
Zowel bij beeldende vorming als waarnemingstekenen maak je gebruik van fotografie en computertoepassingen.

In het vak kunstgeschiedenis leer je de kunstwereld op een chronologische manier benaderen.  Alle kunstuitingen (beeldende kunst, architectuur, audiovisuele kunst, muziek, ballet, dans) komen aan bod in kunstgeschiedenis en kunstinitiatie. In het vak kunstinitiatie verken je de kunstwereld vanuit de actualiteit.

Je beschikt over een ruime interesse voor de maatschappelijke culturele activiteiten.  Je bezoekt graag tentoonstellingen, musea, concerten, fysieke en virtuele ruimtes.

In het zesde jaar werk je gedurende twee trimesters (2 uren per week) aan een geïntegreerde proef. Deze bestaat uit een theoretisch gedeelte en een praktisch gedeelte. Deze opdracht kadert binnen een opgelegd thema  die je zelfstandig uitwerkt.

Welke zijn de specifieke vakken in de studierichting “Beeldende vorming”?

Deze competenties zullen mij zeker helpen in de studierichting Architecturale vorming:

  • artistieke aanleg en interesse
  • gedrevenheid
  • doorzettingsvermogen
  • organisatietalent
  • stiptheid
  • open en creatieve geest
  • zin voor initiatief
  • kritische ingesteldheid
  • zelfstandig werken
  • culturele en wetenschappelijke belangstelling tonen
  • een grote kunstbeleving ontwikkelen
  • beeldtaal en vaktaal kennen en gebruiken

Ik leer in kunstgeschiedenis:

  • de opeenvolgende stijlperiodes in de architectuur, beeldhouwkunst en schilderkunst kennen.

Ik leer in kunstinitiatie:

  • de kunstwereld vanuit de actualiteit verkennen door schrijf- en presentatieopdrachten
  • tentoonstellingen en culturele evenementen bezoeken

Ik leer in beeldende vorming:

  • met verschillende materialen en technieken beeldend vormgeven in 2D en 3D
  • kleurtheorieën toepassen
  • vlot werken met grafische toepassingen zoals Photoshop en Illustrator
  • digitaal beelden verwerken, bijvoorbeeld fotograferen en filmen

Ik leer in waarnemingstekenen:

  • tekenen wat ik zie
  • inzicht in vorm, ruimte en kleur verwerven
  • verschillende teken- en schildertechnieken toepassen

Ik leer in grafische technieken:

  • beelden maken met hoogdruk en diepdruk
  • lay-out opstellen en affiches, logo’s ontwerpen
  • illustraties maken

Ik leer in plastische en decoratieve technieken:

  • technieken toepassen om werk in 3D te maken (boetseren, assembleren, beeldhouwen in steen)
 

Wat leer ik nog in de studierichting “Beeldende vorming”?

Ik leer in wiskunde: (minder theoretische benadering)

  • stapsgewijs de leerstof verwerken
  • wiskundige technieken en methoden voldoende beheersen, ook met gebruik van ict-middelen
  • correct en nauwgezet werken
  • symbolische tekens gebruiken
  • numerieke en grafische informatie verwerken
  • eenvoudige realiteitsgebonden situaties vertalen naar een wiskundig model en de oplossingen kritisch toetsen
  • wiskunde waarderen als een onderdeel van onze dagelijkse leefwereld
 

Ik leer in natuurwetenschappen:

In het vak natuurwetenschappen worden biologie, chemie en fysica geïntegreerd aangeboden via thema’s.

  • helder, logisch en kritisch denken
  • informatie structureren en verwerken
  • reproduceren en geheugen trainen
  • formules in concrete dagelijkse toepassingen interpreteren
  • eenvoudige kwalitatieve experimenten uitvoeren
  • aandacht opbrengen voor veiligheid in het labo
  • ordelijk werken
  • naast teksten ook tabellen en grafieken interpreteren
  • verbanden tussen wetenschap en samenleving leggen
 

Ik leer in Nederlands:

  • taalvaardigheden (luisteren en kijken, lezen, spreken en gesprekken voeren, schrijven)
  • verder ontwikkelen, met extra aandacht voor de geïntegreerde proef in het zesde jaar (GIP)
  • authentieke taalsituaties bestuderen (taalbeschouwing)
  • literatuur lezen, hierop begeleid reflecteren en ervan genieten
  • historisch inzicht krijgen in een literaire periode en op die manier de literatuur juist duiden
  • onderzoekscompetenties voorbereiden
  • mijn zelflerend vermogen ontwikkelen via het gebruik van ict, zelf- en peerevaluatie, groepswerk
 

Ik leer in Frans en Engels:

  • motivatie opbrengen om talen te leren
  • communicatieve vaardigheden (luisteren en kijken, lezen, spreken en gesprekken voeren, schrijven) verder ontwikkelen
  • grammaticale correctheid nastreven bij het uitvoeren van taaltaken
  • woordenschat passief  en actief gebruiken
  • belangstelling voor de Frans- en Engelstalige literatuur en cultuur ontwikkelen
  • mijn zelflerend vermogen ontwikkelen via het gebruik van ict, zelf- en peerevaluatie, groepswerk
 

Welke lessen krijg ik in de studierichting “Beeldende vorming”?

 

 3de graad KSO – Beeldende vorming

 

5de jaar

6de jaar

 Aardrijkskunde

1

1

 Beeldende vorming*

6

6

 Engels

2

2

 Frans

3

3

 Geschiedenis

1

1

 Godsdienst

2

2

 Grafische technieken

2

2

 Kunstgeschiedenis

2

2

 Kunstinitiatie

1

1

 Lichamelijke opvoeding

2

2

 Natuurwetenschappen

2

2

 Nederlands

4

4

 Plastische en decoratieve 
 technieken

2

2

 Waarnemingstekenen

3

3

 Wiskunde

3

3

* inclusief geïntegreerde proef 

In welke school binnen de scholengemeenschap Aarschot-Betekom kan ik terecht voor de studierichting “Beeldende vorming”?

Sint-Jozefscollege Bekaflaan 65, 3200 AARSCHOT – www.bekaf.sjca.be

 

 

Welke aanbevelingen zijn er bij deze overgang?

Ik neem deel aan een adviserende oriënteringsproef die de school aanbiedt. Deze proef zal bepalen of ik over de nodige basiscompetenties en vaardigheden beschik om in te stromen in deze studierichting. Ik heb al kennis van artistieke vaardigheden of een opleiding in het deeltijds kunstonderwijs genoten.

Wiskundige basisvaardigheden zijn een must in deze studierichting (rekenvaardigheden, basisalgebra, vergelijkingen oplossen, grafieken van eerstegraadsvergelijkingen analyseren, grafieken en tabellen analyseren)

Deze studierichting vraagt van mij op het vlak van talen het volgende:

  • het belang van vreemde talen inzien
  • bereidheid om (indien nodig) een inhaalbeweging te doen voor grammatica en woordenschat
  • aandacht voor correct taalgebruik

Met welke bijwerkactiviteiten dien ik rekening te houden bij deze overgang?

Kunstgeschiedenis:

  • tijdens de vakantie verdiep ik mij in de leerstof van het vak kunstgeschiedenis van de tweede graad Beeldende en architecturale vorming aan de hand van een studiewerk.

Waarnemingstekenen:

  • tijdens de vakantie verdiep ik mij in de leerstof van het vak waarnemingstekenen van de tweede graad Beeldende en architecturale vorming aan de hand van een studiewerk. (bv. perspectieftekenen)

Beeldende vorming:

  • tijdens de vakantie verdiep ik mij in de leerstof van het vak beeldende vorming van de tweede graad Beeldende en architecturale vorming aan de hand van een studiewerk. (bv. affiche ontwerpen)

Wat is het profiel van de studierichting “Bouw- en houtkunde”?

De logische vooropleiding is de tweede graad Bouw- en houtkunde. Je hebt voldoende basis nodig voor wiskunde en wetenschappen. Je bent geïnteresseerd in het ontwerpen en tekenen van bouwkundige plannen. Ruimtelijk inzicht en nauwkeurigheid zijn belangrijke vaardigheden.

Bouw- en houtkunde beoogt enerzijds een brede algemene vorming en anderzijds een specifieke theoretisch-technische vorming met betrekking tot allerhande bouwconstructies. Naast een sterk theoretische benadering wordt aandacht besteed aan de studie van praktische uitvoeringen. Doorstromen naar het hoger onderwijs is een van de doelstellingen van deze studierichting. Je wordt geconfronteerd met technieken, constructies, materialen, vormgeving en duurzame projectontwikkeling, die momenteel van toepassing zijn binnen de ruime bouw- en houtsector (passief- en energieneutrale projecten uit de woning- en utiliteitsbouw). Je leert probleemoplossend denken. De technische realisaties worden niet alleen in theorie maar ook in werkelijkheid bestudeerd op de werf of in een schaalmodel weergegeven. Je leert plannen en organiseren. Je leert in de praktijk rekening houden met de veiligheid van de werkomgeving, bouwwetgeving, topografie, weg- en waterbouwkundige aspecten, stabiliteit, sterkte…

De kroon op je studieloopbaan is de geïntegreerde proef. Je ontwikkelt een volledig uitvoeringsdossier, vertrekkend van een voorontwerp voor een passiefwoning.

Welke zijn de specifieke vakken in de studierichting “Bouw- en houtkunde”?

Ik leer in bouwmanagement:

  • bouwadministratie, regelgeving en veiligheidsaspecten   
  • theoretische kostprijsberekening, planning en organisatie

Ik leer in constructie, materialen, conceptueel ontwerpen en vormgeving:

  • Woning- en utiliteitsbouw
    • constructief en technisch inzicht verwerven in passief- en energieneutrale concepten
    • duurzaam bouwen en duurzame projectontwikkeling centraal stellen
    • inzicht verwerven in duurzame energiebeheersing
    • bouw- en houtconcepten ontleden
    • bouw- en houtmaterialen kennen
  • Infrastructuurwerken
    • wegenbouw, waterhuishouding, riolering
  • Woning- en utiliteitsbouwStudie van praktische uitvoeringen
    • uitvoeringsprocessen beschrijven en verantwoorden
    • varianten bedenken, uitwerken en interpreteren
    • bouwwerken situeren binnen architecturale evoluties

Ik leer in toegepaste wetenschappen:

  • Stabiliteit
    • wetenschappelijke begrippen toepassen, rekenvaardig zijn, analyseren, probleemoplossend denken, referentiekader opbouwen
    • betonuitvoeringen berekenen en tekenen
  • Topografie
    • landmeten en waterpassen, de resultaten verwerken in rekenbladen en CAD
       

Wat leer ik nog in de studierichting “Bouw- en houtkunde”?

Ik leer in wiskunde: (minder theoretische en vakoverschrijdende benadering)

  • stapsgewijs de leerstof verwerken 
  • wiskundige technieken en methoden voldoende beheersen, ook met gebruik van ict-middelen
  • correct en nauwgezet werken
  • symbolische tekens gebruiken
  • numerieke en grafische informatie verwerken
  • situaties uit specifieke vakken vertalen naar een wiskundig model en de oplossingen kritisch toetsen
  • wiskunde waarderen als een onderdeel van onze dagelijkse leefwereld

Ik leer in Nederlands:

  • taalvaardigheden (luisteren en kijken, lezen, spreken/gesprekken voeren, schrijven) verder ontwikkelen

    met extra aandacht voor de geïntegreerde proef in het zesde jaar (GIP)

  • gedichten, romans en toneel beoordelen

Ik leer in Frans en Engels:

  • vlot en correct taal gebruiken
  • interesse tonen voor de Frans-, Engelstalige wereld
  • communicatieve vaardigheden
    (luisteren en kijken, lezen, spreken/gesprekken voeren, schrijven)
  • woordenschat uitbreiden, in het bijzonder vakterminologie
  • functioneren in concrete vaktaalsituaties

Welke lessen krijg ik in de studierichting “Bouw- en houtkunde”?

 

 3de graad TSO – Bouw- en houtkunde

 

5de jaar

6de jaar

 Aardrijkskunde

1

1

 Bouw

  • Bouwmanagement
  • Constructie, materialen, conceptueel ontwerpen en vormgeving
  • Toegepaste wetenschappen

4

11

2

0

11

6

 Engels

2

2

 Frans

2

2

 Geschiedenis

1

1

 Godsdienst

2

2

 Lichamelijke opvoeding

2

2

 Nederlands

2

2

 Wiskunde

3

3


In welke school binnen de scholengemeenschap Aarschot-Betekom kan ik terecht voor de studierichting “Bouw- en houtkunde”?

Damiaaninstituut P. Dergentlaan 220, 3200 AARSCHOT – www.damiaaninstituut.be

 

 

 

Welke aanbevelingen zijn er bij deze overgang?

Je hebt grote belangstelling voor bouw en architectuur, je bent zeer gemotiveerd. Deze studierichting steunt op  een voorkennis van Bouw- en houtkunde in de tweede graad. Als de specifieke vakken voor jou nieuw zijn, dan is een inhaalmanoeuvre nodig.
Je hebt een voldoende basis van wiskunde en toegepaste wetenschappen. Je beschikt over een goed ruimtelijk inzicht en zin voor nauwkeurigheid. ict-vaardigheden zijn een troef.

Wiskundige basisvaardigheden zijn een must in deze studierichting (rekenvaardigheden, basisalgebra, vergelijkingen oplossen, grafieken van eerstegraadsvergelijkingen, grafieken en tabellen analyseren)
 

Met welke bijwerkactiviteiten dien ik rekening te houden bij deze overgang?

Bouw- en houtkunde:

  • een aangepast inhaalpakket dat je zelfstandig verwerkt (mogelijke bijwerkactiviteit: computertekenen met AutoCAD)
  • er kan op jouw vraag voor bepaalde onderdelen extra uitleg gegeven worden

Wat is het profiel van de studierichting “Economie-moderne talen”?

De logische vooropleiding is de richting Economie in de tweede graad ASO. Andere vooropleidingen zijn mogelijk, maar individueel te bekijken. Deze studierichting bestaat uit twee componenten: economie en moderne talen. Deze geven de klemtonen van de studierichting aan. De combinatie van deze twee vakdomeinen staat borg voor ruime keuzemogelijkheden in het hoger onderwijs.

Alle studierichtingen van het Algemeen Secundair Onderwijs (ASO) hebben een uitgesproken doorstromingsfunctie. Dit wil zeggen dat ze enkel en alleen willen voorbereiden op verder studeren in het hoger onderwijs. Het ASO bereidt je niet voor om direct te gaan werken na het beëindigen van je secundaire studies.

Economie wordt abstract benaderd. De algemene economie of sociale economie krijgt de meeste aandacht. Ze bestudeert de menselijke relaties in een land en tussen de landen in de wereld onderling. Het deelvak bedrijfswetenschappen behandelt de problemen en relaties die kaderen in het bedrijfsbeleid: productie, kostenbeheersing, boekhouding en bedrijfsbeheer, internationale handel, personeelsbeleid. De boekhouding is een ondersteunend onderdeel.

In het vak recht maak je kennis met de juridische wetmatigheden waarbinnen de samenleving functioneert: het burgerlijk recht met de nadruk op de relaties binnen de familie en met andere burgers, begrippen uit het sociaal en fiscaal recht met relaties tot de overheid. 

In alle ASO-studierichtingen neemt de studie van de moderne talen een belangrijke plaats in. De aandacht gaat naar het ontwikkelen van communicatieve vaardigheden (luisteren, lezen, spreken en schrijven), de reflectie op taal en de kennismaking met anderstalige literatuur. Accenten liggen op het ontwikkelen van:

  • communicatieve en creatieve competenties in het Nederlands en moderne vreemde talen (b.v. leesstrategieën toepassen, literaire smaak ontwikkelen);
  • competenties op het vlak van taalbeschouwing (analyseren van en reflecteren over taalstructuren, communicatie, taalfenomenen);
  • interculturele competenties (literair, filosofisch en historisch bestuderen van culturele achtergronden; culturele diversiteit onderkennen en respecteren).

Welke zijn de specifieke vakken in de studierichting “Economie-moderne talen”?

Ik leer in het vak economie:

  • in het deelvak algemene economie worden onder andere volgende thema’s behandeld: prijsvorming op diverse markten, inkomensvorming en -verdeling, grootte en evolutie van het BBP, het geldsysteem, de internationale handel en het verloop van de economische conjunctuur.
  • in het deelvak bedrijfswetenschappen de verschillende aspecten van het ondernemen kennen:
    toegevoegde waarde met visie creëren en verdelen, de rol van de werkgevers en de werknemers, het analyseren en evalueren van de resultaten van de onderneming.

    Ik ontwikkel de volgende competenties:

  • zelfsturend studeren met het oog op verdere studies en latere beroepsloopbaan
  • helder, logisch, analytisch en kritisch denken
  • kritisch naar de maatschappelijke thema’s kijken en ze verklaren vanuit een economisch kader
  • vanuit verschillende perspectieven probleemoplossend werken door kennis en inzicht toe te passen in diverse contexten
  • verbanden leggen tussen de economische werkelijkheid enerzijds en maatschappelijke en ethische kwesties anderzijds
  • feiten van opinies onderscheiden en onderzoeksvaardigheden ontwikkelen

    Ik leer in de onderzoekscompetentie economie:

  • mij te oriënteren op een onderzoeksprobleem door gericht informatie te verzamelen, te ordenen en te bewerken
  • over een economisch vraagstuk een onderzoeksopdracht voorbereiden, uitvoeren en evalueren
  • de onderzoeksresultaten en conclusies rapporteren en ze confronteren met andere standpunten  

Ik leer in het vak Nederlands:

  • taalvaardigheden (luisteren en kijken, lezen, spreken en gesprekken voeren, schrijven)

    verder ontwikkelen

  • authentieke taalsituaties bestuderen (taalbeschouwing)
  • literatuur lezen, hierop begeleid reflecteren en ervan genieten
  • historisch inzicht krijgen in een literaire periode en op die manier de literatuur juist duiden
  • onderzoekscompetenties die in vreemde talen worden gerealiseerd voorbereiden
  • mijn zelflerend vermogen ontwikkelen via het gebruik van ict, zelf- en peerevaluatie, groepswerk
     

Ik leer in de vakken Frans en Engels:

  • motivatie opbrengen om talen te leren
  • communicatieve vaardigheden (luisteren en kijken, lezen, spreken en gesprekken voeren, schrijven) verder ontwikkelen
  • grammaticale correctheid nastreven bij het uitvoeren van taaltaken
  • woordenschat passief en actief gebruiken
  • belangstelling voor de Frans- en Engelstalige literatuur en cultuur ontwikkelen
  • onderzoekscompetenties ontwikkelen: informatie verzamelen, ordenen, bewerken en de onderzoeksresultaten rapporteren
  • mijn zelflerend vermogen ontwikkelen via het gebruik van ict, zelf- en peerevaluatie, groepswerk

Ik leer in het vak Duits:

  • motivatie opbrengen om talen te leren
  • communicatieve vaardigheden (luisteren en kijken, lezen, spreken en gesprekken voeren, schrijven) verder ontwikkelen
  • grammaticale c

    motivatie opbrengen om deze taal te leren

  • communicatieve vaardigheden (luisteren en kijken, lezen, spreken en gesprekken voeren, schrijven) verder ontwikkelen
  • grammaticale correctheid nastreven bij het uitvoeren van taaltaken
  • woordenschat passief en actief gebruiken
  • belangstelling voor de Duitstalige literatuur en cultuur ontwikkelen
  • mijn zelflerend vermogen ontwikkelen via het gebruik van ict, zelf- en peerevaluatie, groepswerk

Wat leer ik nog in de studierichting “Economie-moderne talen”?

Ik leer in het vak wiskunde (minder theoretische benadering)

  • stapsgewijs de leerstof verwerken
  • zelfstandig werken
  • wiskundige technieken en methoden voldoende beheersen, ook met gebruik van ict-middelen
  • correct en nauwgezet werken
  • symbolische tekens gebruiken
  • numerieke en grafische informatie verwerken
  • eenvoudige realiteitsgebonden situaties vertalen naar een wiskundig model en de oplossingen kritisch toetsen
  • wiskunde waarderen als een onderdeel van onze dagelijkse leefwereld

Ik leer in het vak natuurwetenschappen:

In het vak natuurwetenschappen worden biologie, chemie en fysica geïntegreerd aangeboden via thema’s.

  • helder, logisch en kritisch denken
  • informatie structureren en verwerken
  • reproduceren en geheugen trainen
  • formules in concrete dagelijkse toepassingen interpreteren
  • eenvoudige kwalitatieve experimenten uitvoeren
  • aandacht opbrengen voor veiligheid in het labo
  • ordelijk werken
  • naast teksten ook tabellen en grafieken interpreteren
  • verbanden tussen wetenschap en samenleving leggen

Welke lessen krijg ik in de studierichting “Economie-moderne talen”?

 3de graad ASO – Economie-moderne talen

 

5de jaar

6de jaar

 

DIA

SMA

SJC

SJIB

DIA

SMA

SJC

SJIB

 Aardrijkskunde

1

1

1

1

1

1

1

1

 Duits

2

3

2

2

2

2

2

3

 Economie

4

4

4

4

4

4

4

4

 Engels

3

3

3

3

3

3

3

3

 Esthetica

1

1

1

1

1

0

1

1

 Frans

4

5

4

4

4

5

4

4

 Geschiedenis

2

2

2

2

2

2

2

2

 Godsdienst

2

2

2

2

2

2

2

2

 Lichamelijke opvoeding

2

2

2

2

2

2

2

2

 Natuurwetenschappen

2

2

2

2

2

2

2

2

 Nederlands

4

4

4

4

4

4

4

4

 Seminarie economie

1

0

0

1

1

0

0

1

 Wiskunde

3

3

3

3

3

3

3

3

 Vrije ruimte*

1

0

2

1

1

2

2

1

Keuzemogelijkheden zijn afhankelijk van de school
DIA
: Damiaaninstituut – SMA: Instituut Sancta Maria – SJC: Sint-Jozefscollege – SJIB: Sint-Jozefsinstituut

In welke school binnen de scholengemeenschap Aarschot-Betekom kan ik terecht voor de studierichting “Economie-moderne talen”?

  • Damiaaninstituut P. Dergentlaan 220, 3200 AARSCHOT – www.damiaaninstituut.be
  • Instituut Sancta Maria Kardinaal Mercierstraat 10, 3200 AARSCHOT – www.sanctamaria-aarschot.be
  • Sint-Jozefscollege Bekaflaan 65, 3200 AARSCHOT – www.bekaf.sjca.be
  • Sint-Jozefsinstituut Pastoor Pitetlaan 28, 3130 BETEKOM (Middenschool) Prof Sharpélaan 23, 3130 BETEKOM (Bovenbouw) www.sjib.be

Wat is het profiel van de studierichting “Economie-wiskunde”?

Deze studierichting heeft een uitgesproken doorstromingsfunctie. Dit wil zeggen dat ze wil voorbereiden op verder studeren in het hoger onderwijs. Het is niet  evident om direct te gaan werken na het beëindigen van je secundaire studies.

De logische vooropleiding is de richting Economie met leerweg 5 uren wiskunde in de tweede graad. Andere vooropleidingen zijn mogelijk, maar individueel te bekijken. Deze studierichting bestaat uit twee componenten: economie en wiskunde. Deze geven de klemtonen van de studierichting aan. De studierichting bereidt je goed voor op (economisch) hoger onderwijs, zowel een academische als een professionele bachelor.

Economie krijgt in de derde graad een analytisch karakter. De analyse moet leiden tot een inzicht in de kracht en de beperkingen van de (wereld)markteconomie. Ook het verwerven van inzichten is belangrijk. Waarom zijn bepaalde economieën succesvoller dan andere in het creëren van materiële welvaart en in de verdeling ervan? De lessen worden opgebouwd rond concrete maatschappelijke problemen, vaak vertrekkend vanuit actuele voorbeelden en ontwikkelingen. Er is ook ruimte voor de ethische component die een vaste stek krijgt in de les economie. 

Het deelvak bedrijfswetenschappen behandelt de problemen en relaties die kaderen in het bedrijfsbeleid: kostenbeheersing,  personeelsbeleid, investeringsanalyse, budgettering en duurzaam ondernemen. De leerstof vertrekt ook hier vanuit de vele aanknopingspunten die er zijn met actuele en duidelijk herkenbare ontwikkelingen in het bedrijfsleven.
In de vrije ruimte heb je de mogelijkheid om je te verdiepen in de vakken economie of kennis te maken met een ander vakgebied afhankelijk van de school

In deze studierichting klimt het onderwijs in de wiskunde naar een vrij hoog niveau van algemeenheid en abstractie. Dit gebeurt via de deelvakken algebra, meetkunde, analyse, statistiek en kansrekening. In de derde graad kan de 6u-cursus wiskunde nog uitgebreid worden met 2u via de vrije ruimte in bepaalde scholen van onze scholengemeenschap.

Welke zijn de specifieke vakken in de studierichting “Economie-wiskunde”?

Ik leer in economie:

  • in het deelvak algemene economie volgende thema’s: prijsvorming op diverse markten, inkomensvorming en -verdeling, grootte en evolutie van het BBP, het geldsysteem, de internationale handel en het verloop van de economische conjunctuur
  • in het deelvak bedrijfswetenschappen de verschillende aspecten van het ondernemen kennen:
    toegevoegde waarde met visie creëren en verdelen, de rol van de werkgevers en de werknemers, het analyseren en evalueren van de resultaten van de onderneming

    Ik ontwikkel de volgende competenties:

  • zelfsturend studeren met het oog op verdere studies en latere beroepsloopbaan
  • helder, logisch, analytisch en kritisch denken
  • kritisch naar de maatschappelijke thema’s kijken en ze verklaren vanuit een economisch kader
  • door kennis en inzicht toe te passen in diverse contexten en vanuit verschillende perspectieven probleemoplossend werken
  • verbanden leggen tussen de economische werkelijkheid enerzijds en maatschappelijke en ethische kwesties anderzijds
  • feiten van opinies onderscheiden en onderzoeksvaardigheden ontwikkelen

    Ik leer in de onderzoekscompetentie:
  • mij te oriënteren op een onderzoeksprobleem door gericht informatie te verzamelen, te ordenen en te bewerken
  • over een economisch vraagstuk een onderzoeksopdracht voorbereiden, uitvoeren en evalueren
  • de onderzoeksresultaten en conclusies rapporteren en ze confronteren met andere standpunten    

Ik leer in wiskunde

  • zelfstandig en op eigen initiatief werken
  • blijven zoeken naar de ideale oplossingswijze
  • kritisch nadenken en inzicht verwerven in bewijzen en stellingen
  • wiskundige technieken en methoden voldoende beheersen, ook met gebruik van ict-middelen
  • realiteitsgebonden situaties vertalen naar een wiskundig model en de oplossingen kritisch toetsen
  • een onderzoeksopdracht in team uitvoeren
  • verdiepingsleerstof verwerven
  • abstract en logisch redeneren
  • symbolische tekens gebruiken
  • grote hoeveelheden leerstof verwerken
  • correct en nauwgezet werken

    Let op! Wanneer je in de tweede graad de leerweg 5 uren wiskunde niet gevolgd hebt, dien je een extra inspanning te doen.

     

Wat leer ik nog in de studierichting “Economie-wiskunde”?

Ik leer in Nederlands:

  • taalvaardigheden (luisteren en kijken, lezen, spreken en gesprekken voeren, schrijven) 
  • verder ontwikkelen
  • authentieke taalsituaties bestuderen (taalbeschouwing)
  • literatuur lezen, hierop begeleid reflecteren en ervan genieten
  • historisch inzicht krijgen in een literaire periode en op die manier de literatuur juist duiden
  • onderzoekscompetenties voorbereiden
  • mijn zelflerend vermogen ontwikkelen via het gebruik van ict, zelf- en peerevaluatie, groepswerk
     

Ik leer in Frans en Engels:

  • motivatie opbrengen om talen te leren
  • communicatieve vaardigheden (luisteren en kijken, lezen, spreken en gesprekken voeren, schrijven) verder ontwikkelen
  • grammaticale correctheid nastreven bij het uitvoeren van taaltaken
  • woordenschat passief en actief gebruiken
  • belangstelling voor de Frans- en Engelstalige literatuur en cultuur ontwikkelen
  • mijn zelflerend vermogen ontwikkelen via het gebruik van ict, zelf- en peerevaluatie, groepswerk
 

Ik leer in Duits:

  • motivatie opbrengen om deze taal te leren
  • communicatieve vaardigheden (luisteren en kijken, lezen, spreken en gesprekken voeren, schrijven) verder ontwikkelen
  • grammaticale correctheid nastreven bij het uitvoeren van taaltaken
  • woordenschat passief  en actief gebruiken
  • belangstelling voor de Duitstalige literatuur en cultuur ontwikkelen
  • mijn zelflerend vermogen ontwikkelen via het gebruik van ict, zelf- en peerevaluatie, groepswerk

    Ik leer in de wetenschapsvakken (chemie, biologie en fysica

  • helder, logisch en kritisch denken
  • interesse en nieuwsgierigheid opbrengen voor wetenschappen (vertrekkend vanuitmijn leefwereld, demonstratieproeven en beeldmateriaal) 
  • wetenschappelijk denkenen handelen volgens het OVUR-principe 
    (Oriënteren, Voorbereiden, Uitvoeren, Reflecteren en Rapporteren)
  • verslagen nauwkeurig voorbereiden en zelfstandig afwerken
  • in team werken bij practica
  • veilig handelen met producten en laboratoriumapparatuur
  • met klassieke (boeken, tabellen, grafieken) en moderne informatiedragers (ict) omgaan
  • grafieken m.b.v. software maken en interpreteren
  • wetenschappelijke taal correct gebruiken
  • wetenschappelijke informatie structureren en verwerken
  • ordelijk werken

Welke lessen krijg ik in de studierichting “Economie-wiskunde”?

 3de graad ASO – Economie-wiskunde

 

5de jaar

6de jaar

 

SMA

SJC

SJIB

SMA

SJC

SJIB

 Aardrijkskunde

1

1

1

1

1

1

 Biologie

1

1

1

1

1

1

 Chemie

1

1

1

1

1

1

 Duits

2

0

0

1

0

0

 Economie

4

4

4

4

4

4

 Engels

2

2

2

2

2

2

 Esthetica

1

1

1

1

1

1

 Frans

3

3

3

3

3

3

 Fysica

1

1

1

1

1

1

 Geschiedenis

2

2

2

2

2

2

 Godsdienst

2

2

2

2

2

2

 Lichamelijke opvoeding

2

2

2

2

2

2

 Nederlands

4

4

4

4

4

4

 Vrije ruimte*

0

2

2

2

2

2

 Wiskunde

6

6

6

6

6

6

Keuzemogelijkheden zijn afhankelijk van de school
SMA: Instituut Sancta Maria – SJC: Sint-Jozefscollege – SJIB: Sint-Jozefsinstituut 

 

In welke school binnen de scholengemeenschap Aarschot-Betekom kan ik terecht voor de studierichting “Economie-wiskunde”?

  • Instituut Sancta Maria Kardinaal Mercierstraat 10, 3200 AARSCHOT – www.sanctamaria-aarschot.be
  • Sint-Jozefscollege Bekaflaan 65, 3200 AARSCHOT – www.bekaf.sjca.be
  • Sint-Jozefsinstituut Pastoor Pitetlaan 28, 3130 BETEKOM (Middenschool) Prof Sharpélaan 23, 3130 BETEKOM (Bovenbouw) www.sjib.be

Wat is het profiel van de studierichting “Elektriciteit-elektronica”?

De logische vooropleidingen zijn de tweede graad Elektriciteit-elektronica en Industriële wetenschappen.

Elektriciteit-elektronica is een studierichting waarin theorie wordt ondersteund door laboproeven. In deze studierichting word je voorbereid om  studies hoger onderwijs van het niveau professionele bachelor binnen het domein Elektriciteit-elektronica aan te vatten.

Tijdens de lessen elektriciteit bestudeer je de werking en verdeling van de elektrische energie in woningen en bedrijven. Je leert elektrische energie omzetten in licht, warmte en bewegingsenergie in de theorielessen en labo-oefeningen. Je test en onderzoekt de werking van elektrische machines zoals motoren en alternatoren.

In de lessen elektronica-ict leer je programmeren en communiceren met elektronische componenten.
Je kan informatie, zowel analoog als digitaal, overbrengen via draden, draadloos of computernetwerken.

Je programmeert in verschillende programmeertalen.
Je maakt ook technische tekeningen, je soldeert schakelingen en voert metingen uit.

De kroon op je studieloopbaan is de geïntegreerde proef. Je ontwerpt dan een elektrische of elektronische schakeling die precies doet wat jij wil.


Welke zijn de specifieke vakken in de studierichting “Elektriciteit-elektronica”?

Ik leer in elektriciteit-elektronica:

  • Elektriciteit-automatisatie
    Productie en transport van elektrische energie staat centraal in elektriciteit-automatie. Ik leer hoe verdeelsystemen voor elektrische energie werken en opgebouwd worden.
  • Elektronica-analoog
    Ik meet, verwerk en interpreteer analoge signalen (bv. audiosignalen) met gebruik van de oscilloscoop. Bij het bewerken van signalen komen de transistor en de operationele versterker ruim aan bod, zowel in theorie als labo.
  • Elektronica-digitaal
    Ik verken de wereld van 1 en 0 door te experimenteren met digitale, binaire of aan/uitsignalen. Ik ontwerp zelf een digitale klok.  Ik onderzoek en test de werkingsprincipes van looplichtjes, LED-dimmers, digitale thermometers, lichtkranten, servo- en stappenmotoren. Ik gebruik hiervoor microcontrollers en andere programmeerbare bouwstenen (FPGA, CPLD).
  • Elektronica-vermogen
    Ik werk aan een energiebewuste attitude en steun hierbij ten volle op de twee pijlers van deze studierichting, elektriciteit en elektronica: hoe werkt een elektronische dimmer, een positieregeling voor motoren.
  • Elektronica-communicatie
    Bij het overbrengen van informatie via draden leer ik de technologie van transmissielijnen. Ik ontwikkel ook een zelfgebouwde zender/ontvanger en gebruik hiervoor Blue Tooth, WIFI … Ook het plaatsen van een PC in een netwerk komt aan bod.
  • Projecten
    Alle vakken ontmoeten elkaar tijdens ‘Projecten’. Ik werk in de eerste helft van het jaar aan enkele klasprojecten waarmee ik methodiek verwerf die mij in staat moet stellen om tijdens de tweede helft van het jaar begeleid en zelfstandig mijn geïntegreerde proef uit te werken.
 

Wat leer ik nog in de studierichting “Elektriciteit-elektronica”?

Ik leer in wiskunde: (minder theoretische en vakoverschrijdende benadering)

  • stapsgewijs de leerstof verwerken
  • wiskundige technieken en methoden voldoende beheersen, ook met gebruik van ict-middelen
  • correct en nauwgezet werken
  • symbolische tekens gebruiken
  • numerieke en grafische informatie verwerken
  • situaties uit specifieke vakken vertalen naar een wiskundig model en de oplossingen kritisch toetsen
  • wiskunde waarderen als een onderdeel van onze dagelijkse leefwereld
 

Ik leer in Nederlands:

  • taalvaardigheden (luisteren en kijken, lezen, spreken/gesprekken voeren, schrijven) verder ontwikkelen;

    met extra aandacht voor de geïntegreerde proef in het zesde jaar (GIP)

  • gedichten, romans en toneel gefundeerd beoordelen
 

Ik leer in Frans en Engels:

  • vlot en correct taal gebruiken
  • interesse tonen voor de Frans- en Engelstalige wereld
  • communicatieve vaardigheden
    (luisteren en kijken, lezen, spreken/gesprekken voeren, schrijven)
  • woordenschat uitbreiden, in het bijzonder vakterminologie
  • functioneren in concrete vaktaalsituaties
 

Welke lessen krijg ik in de studierichting “Elektriciteit-elektronica”?

 

 3de graad TSO – Elektriciteit-elektronica

 

5de jaar

6de jaar

 Aardrijkskunde

1

1

 Elektriciteit-elektronica

17

17

 Engels

2

2

 Frans

2

2

 Geschiedenis

1

1

 Godsdienst

2

2

 Lichamelijke opvoeding

2

2

 Nederlands

2

2

 Wiskunde

3

3

 

In welke school binnen de scholengemeenschap Aarschot-Betekom kan ik terecht voor de studierichting “Elektriciteit-elektronica”?

Damiaaninstituut P. Dergentlaan 220, 3200 AARSCHOT – www.damiaaninstituut.be

 

Welke aanbevelingen zijn er bij deze overgang?

Je hebt grote belangstelling voor elektronische technologieën en je bent zeer gemotiveerd. Deze studierichting bouwt verder  op een voorkennis van Elektriciteit-elektronica aangebracht in de tweede graad. Als de specifieke vakken voor jou nieuw zijn, dan is een inhaalmanoeuvre nodig. Je hebt een voldoende basis van wiskunde en toegepaste wetenschappen. ict-vaardigheden zijn een troef.

Wiskundige basisvaardigheden zijn een must in deze studierichting (rekenvaardigheden, basisalgebra, vergelijkingen oplossen, grafieken van eerstegraadsvergelijkingen, grafieken en tabellen analyseren, …)

Met welke bijwerkactiviteiten dien ik rekening te houden bij deze overgang?

Elektriciteit-elektronica:

  • een aangepast inhaalpakket dat je zelfstandig verwerkt
    (mogelijke bijwerkactiviteiten voor basis elektriciteit, basis elektronica, elektronisch tekenen)
  • er kan op jouw vraag voor bepaalde onderdelen extra uitleg gegeven worden
 

Wat is het profiel van de studierichting “Elektrische installatietechnieken”?

De logische vooropleidingen zijn de tweede graad TSO Elektrotechnieken of Elektriciteit-elektronica.
De studierichting wil binnen het brede domein van de toegepaste elektriciteit een theoretisch- technische vorming aanbieden. 
De klemtoon ligt op  uitvoeringsgerichte vaardigheden.

De basiskennis van de tweede graad wordt verder uitgediept en uitgebreid. Je wordt opgeleid tot technicus industriële elektrotechnische installaties.
De praktijk is belangrijk, maar de theoretische achtergronden worden niet uit het oog verloren. De leerstof wordt minder theoretisch uitgediept dan in de studierichtingen Elektromechanica of Elektriciteit-elektronica. De beroepskennis omvat theoretische kennis van fundamentele wetten van elektriciteit, elektrische machines en praktische kennis van elektrotechnieken. Bij meettechniek en in het labo nemen elektriciteit en de computer een steeds belangrijker plaats in. Schakel-, meet-, verlichtings- en verwarmings- en verdelingstechnieken, installatie- en aandrijftechnieken, schakelingen en onderhoud van elektrische machines, staan op het programma.

Je leert een werkopdracht analyseren, schema’s lezen en metingen uitvoeren. Hierbij zijn de elektrische voorschriften en reglementeringen belangrijk. Het realiseren, renoveren of herstellen van industriële elektrische installaties maar ook meer complexe residentiële installaties zoals elektriciteit in productiebedrijven, appartementen, winkelpanden, kantoren, scholen, ziekenhuizen, komen aan bod.

Je bestudeert lichtinstallaties, verwarming, motorschakelingen, elektronische vermogensregeling, laag- en net-spanninginstallaties. Hierbij gebruik je zowel relaisschakelingen als elektronische sturingen. Je besteedt de nodige aandacht aan hand- en contactgestuurde motoren. Ook automatiseringsprocessen zoals PLC-sturingen en computertekenen spreken je aan.

Welke zijn de specifieke vakken in de studierichting “Elektrische installatietechnieken”?

Ik leer in elektriciteit:

  • opwekken, transporteren en verdelen van elektrische energie
  • bouw, eigenschappen en werking van generatoren verklaren
  • bouw, eigenschappen en werking van elektromotoren verklaren
  • bouw, eigenschappen en werking van transformatoren verklaren
  • de werking van een AC/DC-voeding verklaren
  • programmeerbare sturingen realiseren
  • elektropneumatische schakelingen realiseren

Ik leer in installatiemethoden en realisaties als residentieel elektrotechnisch installateur:

  • de werkzaamheden voorbereiden
  • leidingen, dozen plaatsen en draden en kabel trekken
  • schakelmateriaal, contactdozen en verbruikers aansluiten en plaatsen
  • verdeelborden monteren en bedraden,  plaatsen en aansluiten
    spanningsloos uitmeten en het aardingssysteem en de equipotentiale verbindingen realiseren
  • in bedrijf stellen, fouten zoeken en herstellen. Elektrische werkzaamheden aan de elektrische installatie uitvoeren
  • kwaliteitscontroles uitvoeren, veilig en milieubewust werken en rapporteren volgens de afspraken
  • de werkzaamheden voorbereiden
  • industriële kanalisaties en dozen plaatsen, draden trekken of buizen en kabels leggen
  • elektrische componenten, klemmenkasten, industriële verlichting
    motoren en technische beheersystemen plaatsen en aansluiten
  • monteren en bedraden, borden en snelheidsregelaars plaatsen en aansluiten
    spanningsloos uitmeten en het aardingssysteem en de equipotentiale verbindingen realiseren
  • elektrische werkzaamheden uitvoeren zoals:
    de gedeelte energieverdeling van de installatie in bedrijf stellen en controleren, fouten zoeken en de elektrische installatie herstellen
  • kwaliteitscontroles uitvoeren, veilig en milieubewust werken en rapporteren volgens de afspraken
 

Wat leer ik nog in de studierichting “Elektrische installatietechnieken”?

Ik leer in wiskunde: (toepassingsgerichte benadering)

  • stapsgewijs en in gematigd tempo de leerstof verwerken
  • eenvoudige wiskundige technieken en methoden toepassen
  • vaak met gebruik van ict-middelen
  • correct en nauwgezet werken
  • symbolische tekens gebruiken
  • numerieke en grafische informatie verwerken
  • simpele realiteitsgebonden situaties wiskundig interpreteren
  • wiskunde waarderen als een onderdeel van onze dagelijkse leefwereld

Ik leer in talen:

  • vlot en correct taal gebruiken
  • communicatieve vaardigheden ontwikkelen  in richtinggebonden situaties
    (luisteren en kijken, lezen, spreken/gesprekken voeren, schrijven)
  • woordenschat uitbreiden, in het bijzonder vakterminologie
  • leerbereidheid en motivatie opbrengen voor het leren van talen
 

Welke lessen krijg ik in de studierichting “Elektrische installatietechnieken”?

 

 3de graad TSO – Elektrische installatietechnieken

 

5de jaar

6de jaar

 Aardrijkskunde

1

1

 Elektriciteit

4

4

 Engels

2

2

 Frans

2

2

 Geschiedenis

1

1

 Godsdienst

2

2

 Installatiemethoden en realisaties

16

14

 Lichamelijke opvoeding

2

2

 Nederlands

2

2

 Wiskunde

2

2

 Stage

0

2

 Bedrijfsbeheer (facultatief)

2

2

 

In welke school binnen de scholengemeenschap Aarschot-Betekom kan ik terecht voor de studierichting “Elektrische installatietechnieken”?

Damiaaninstituut P. Dergentlaan 220, 3200 AARSCHOT – www.damiaaninstituut.be

Welke aanbevelingen zijn er bij deze overgang?

Je hebt grote belangstelling voor elektronische technologieën en je bent zeer gemotiveerd. Deze studierichting bouwt verder  op een voorkennis van elektrotechnieken aangebracht in de tweede graad. Als de specifieke vakken voor jou nieuw zijn, dan is een extra inspanning nodig.

Met welke bijwerkactiviteiten dien ik rekening te houden bij deze overgang?

Elektriciteit, installatiemethoden en realisaties:

  • bronwetten elektriciteit
  • elektrische netwerken AC en DC

Wat is het profiel van de studierichting “Elektromechanica”?

De logische vooropleidingen zijn de tweede graad Elektromechanica of Industriële wetenschappen. Elektromechanica is een theoretisch-technische studierichting. Je leert meervoudige problemen (elektrisch, elektronisch, mechanisch) oplossen. Een aantal technische vaardigheden worden ontwikkeld.

Elektromechanica is gericht op verder studeren in specifieke bacheloropleidingen. Wiskunde vormt in deze studierichting een belangrijk vak. Ook een elementaire kennis van fysische begrippen is nodig. Je leert verschillende materialen, toestellen en technieken kennen. Je bestudeert elektromechanische installaties. Je ontdekt de wereld van verlichting, motoren en generatoren, automatisering, PLC- sturingen. Je leert hoe machines met de computer bediend en ontworpen worden (CAD-CAM).

Deze studierichting omvat twee grote polen:

  • Elektriciteit: je leert energiekringen analyseren, de basiswetten van de elektriciteit toepassen in diverse elektrische opstellingen… 
    Je voert berekeningen uit die steunen op een wiskundige basis.
  • Mechanica: je verwerft basiskennis van theoretische mechanica en past die toe in een labo.
    Alle aspecten van mechanica komen aan bod.


De kroon op je studieloopbaan is de geïntegreerde proef. Je bestudeert een elektromechanisch proces of machine.

Welke zijn de specifieke vakken in de studierichting “Elektromechanica”?

Ik leer in elektromechanische processen:

  • theoretische mechanica en elektriciteit
  • computertekenen
  • meettechnieken
  • analyse machine-elementen
  • automatisatie

Wat leer ik nog in de studierichting “Elektromechanica”?

Ik leer in wiskunde: (minder theoretische en vakoverschrijdende benadering)

  • stapsgewijs de leerstof verwerken
  • wiskundige technieken en methoden voldoende beheersen, ook met gebruik van ict-middelen
  • correct en nauwgezet werken
  • symbolische tekens gebruiken
  • numerieke en grafische informatie verwerken
  • situaties uit specifieke vakken vertalen naar een wiskundig model en de oplossingen kritisch toetsen
  • wiskunde waarderen als een onderdeel van onze dagelijkse leefwereld
 

Ik leer in Nederlands:

  • taalvaardigheden (luisteren en kijken, lezen, spreken/gesprekken voeren, schrijven) verder ontwikkelen;

    met extra aandacht voor de geïntegreerde proef in het zesde jaar

  • gedichten, romans en toneel gefundeerd beoordelen
 

Ik leer in Frans en Engels:

  • vlot en correct taal gebruiken
  • interesse tonen voor de Frans- en Engelstalige wereld
  • communicatieve vaardigheden
    (luisteren en kijken, lezen, spreken/gesprekken voeren, schrijven)
  • woordenschat uitbreiden, in het bijzonder vakterminologie
  • functioneren in concrete vaktaalsituaties
 

Welke lessen krijg ik in de studierichting “Elektromechanica”?

 

 3de graad TSO – Elektromechanica

 

5de jaar

6de jaar

 Aardrijkskunde

1

1

 Elektromechanische
 processen

17

17

 Engels

2

2

 Frans

2

2

 Geschiedenis

1

1

 Godsdienst

2

2

 Lichamelijke opvoeding

2

2

 Nederlands

2

2

 Wiskunde

3


In welke school binnen de scholengemeenschap Aarschot-Betekom kan ik terecht voor de studierichting “Elektromechanica”?

Damiaaninstituut P. Dergentlaan 220, 3200 AARSCHOT – www.damiaaninstituut.be

 

 

 

 

Welke aanbevelingen zijn er bij deze overgang?

Je hebt grote belangstelling voor elektromechanische technologieën en je bent zeer gemotiveerd. Deze studierichting bouwt verder  op een voorkennis van Elektromechanica aangebracht in de tweede graad. Als de specifieke vakken voor jou nieuw zijn, dan is een inhaalmanoeuvre nodig. Je hebt een voldoende basis van wiskunde en toegepaste wetenschappen. ict-vaardigheden zijn een troef.

Wiskundige basisvaardigheden zijn een must in deze studierichting (rekenvaardigheden, basisalgebra, vergelijkingen oplossen, grafieken van eerstegraadsvergelijkingen, grafieken en tabellen analyseren)

Met welke bijwerkactiviteiten dien ik rekening te houden bij deze overgang?

Elektromechanica:

  • een aangepast inhaalpakket dat je zelfstandig verwerkt (mogelijke bijwerkactiviteiten voor basis elektriciteit, basis mechanica, computertekenen)
  • er kan op jouw vraag voor bepaalde onderdelen extra uitleg gegeven worden

Wat is het profiel van de studierichting “Humane wetenschappen”?

De logische onderbouw is de richting Humane wetenschappen in de tweede graad ASO. Alle studierichtingen van het Algemeen Secundair Onderwijs (ASO) bereiden enkel voor op verder studeren in het hoger onderwijs. De leerplannen zijn zo opgemaakt dat elke studierichting in principe voorbereidt op alle vormen van hoger onderwijs.

Humane Wetenschappen is grotendeels een theoretische richting, maar wil je, dankzij het aanleren van onderzoeksvaardigheden de competentie aanleren om op zelfstandige basis informatie te vergaren, verwerken of toe te passen op ongeziene voorbeelden. Deze studierichting vraagt van jouw een brede interesse voor mens en maatschappij.

Belangrijke vakken zijn cultuurwetenschappen en gedragswetenschappen. In de derde graad is er buiten de zes uur gedrags- en cultuurwetenschappen een specifiek vak, cultuur 2, waarbinnen gefocust wordt op het aanleren van de onderzoeksvaardigheden.

Ook in deze richting neemt de studie van de moderne talen een belangrijke plaats in. De aandacht gaat naar het ontwikkelen van communicatieve vaardigheden (luisteren, lezen, spreken en schrijven), de reflectie op taal en de kennismaking met anderstalige literatuur. Accenten liggen op het ontwikkelen van:

  • communicatieve en creatieve competenties in het Nederlands en moderne vreemde talen (b.v. leesstrategieën toepassen, literaire smaak ontwikkelen);
  • competenties op het vlak van taalbeschouwing (analyseren van en reflecteren over taalstructuren, communicatie, taalfenomenen);
  • interculturele competenties (literair, filosofisch en historisch bestuderen van culturele achtergronden; culturele diversiteit onderkennen en respecteren).

Welke zijn de specifieke vakken in de studierichting “Humane wetenschappen”?

De nadruk in beide richtingsvakken ligt op het ontwikkelen van onderzoeksvaardigheden:

  • het opzoeken van verschillende soorten bronnen en verwerken tot een literatuurstudie,
  • het opstellen en afnemen van interviews, enquêtes, observaties en experimenten,
  • deze dataverwerken met behulp van ict-vaardigheden,
  • tot slot hierover ook correct rapporteren.

Ik leer in cultuurwetenschappen:

  • het functioneren en de rol van organisaties in de samenleving begrijpen
  • de beïnvloedende factoren, structuren en functies van communicatie situeren
  • opvattingen over identiteit, cultuur en beschaving in verschillende samenlevingen onderkennen
  • verschillende mens- en wereldbeelden waarderen
  • de relatie tussen cultuur en wetenschap, techniek en samenleving verstaan
  • kunstvormen en hun rol bij veranderingen in de samenleving interpreteren
  • de ontwikkeling, vormgeving, kenmerken en principes van waarden en normen bestuderen

Ik leer in gedragswetenschappen:

  • verschillende organisatievormen waartoe de mens als individu behoort, onderscheiden
  • de factoren die de communicatie tussen mensen mogelijk maken en beïnvloeden, kennen
  • de ontwikkeling van het individu en de dynamiek van sociale groepen en cultuursystemen bestuderen
  • de samenhang tussen en de onderlinge beïnvloeding van individu, groepen en samenleving begrijpen
  • het ontstaan, de aard, de functies en de expressie van emoties en het omgaan met lichamelijkheid onderkennen
  • de wijze waarop waarden en normen in sociale gemeenschappen worden overgedragen, begrijpen
 

Wat leer ik nog in de studierichting “Humane wetenschappen”?

Ik leer in wiskunde: (minder theoretische benadering)

  • stapsgewijs de leerstof verwerken
  • zelfstandig werken
  • wiskundige technieken en methoden voldoende beheersen, ook met gebruik van ict-middelen
  • correct en nauwgezet werken
  • symbolische tekens gebruiken
  • numerieke en grafische informatie verwerken
  • eenvoudige realiteitsgebonden situaties vertalen naar een wiskundig model en de oplossingen kritisch toetsen
  • wiskunde waarderen als een onderdeel van onze dagelijkse leefwereld

Ik leer in natuurwetenschappen:

In het vak natuurwetenschappen worden biologie, chemie en fysica geïntegreerd aangeboden via thema’s.

  • helder, logisch en kritisch denken
  • informatie structureren en verwerken
  • reproduceren en geheugen trainen
  • formules in concrete dagelijkse toepassingen interpreteren
  • eenvoudige kwalitatieve experimenten uitvoeren
  • aandacht opbrengen voor veiligheid in het labo
  • ordelijk werken
  • naast teksten ook tabellen en grafieken interpreteren
  • verbanden tussen wetenschap en samenleving leggen

Ik leer in Nederlands:

  • taalvaardigheden (luisteren en kijken, lezen, spreken en gesprekken voeren, schrijven)
  • verder ontwikkelen
  • authentieke taalsituaties bestuderen (taalbeschouwing)
  • literatuur lezen, hierop begeleid reflecteren en ervan genieten
  • historisch inzicht krijgen in een literaire periode en op die manier de literatuur juist duiden
  • onderzoekscompetenties voorbereiden
  • mijn zelflerend vermogen ontwikkelen via het gebruik van ict, zelf- en peerevaluatie, groepswerk

Ik leer in Frans en Engels:

  • motivatie opbrengen om talen te leren
  • communicatieve vaardigheden (luisteren en kijken, lezen, spreken en gesprekken voeren, schrijven) verder ontwikkelen
  • grammaticale correctheid nastreven bij het uitvoeren van taaltaken
  • woordenschat passief en actief gebruiken
  • belangstelling voor de Frans- en Engelstalige literatuur en cultuur ontwikkelen
  • mijn zelflerend vermogen ontwikkelen via het gebruik van ict, zelf- en peerevaluatie, groepswerk
 

Welke lessen krijg ik in de studierichting “Humane wetenschappen”?

 

 3de graad ASO – Humane wetenschappen

 

5de jaar

6de jaar

 Aardrijkskunde

1

1

 Cultuurwetenschappen

5

5

 Engels

2

2

 Esthetica

1

1

 Frans

3

3

 Gedragswetenschappen

3

3

 Geschiedenis

2

2

 Godsdienst

2

2

 Lichamelijke opvoeding

2

2

 Natuurwetenschappen

2

2

 Nederlands

4

4

 Wiskunde

3

3

 Vrije ruimte

2

2

 

In welke school binnen de scholengemeenschap Aarschot-Betekom kan ik terecht voor de studierichting “Humane wetenschappen”?

Sint-Jozefscollege Bekaflaan 65, 3200 AARSCHOT – www.bekaf.sjca.be

 

Welke aanbevelingen zijn er bij deze overgang?

Mogelijke competenties waarover je dient te beschikken: het verwerken van langere wetenschappelijke teksten, een breeddenkende en kritische ingesteldheid en communicatieve vaardigheden. Het is aangeraden dat je interesse toont in de actualiteit, beschikt over sociale vaardigheden en ook openstaat voor andere visies op de werkelijkheid. 


Wiskundige basisvaardigheden zijn een must in deze studierichting (rekenvaardigheden, basisalgebra, vergelij-kingen oplossen, grafieken van eerstegraadsvergelijkingen, grafieken en tabellen analyseren)

Deze studierichting vraagt van jou op het vlak van talen het volgende:

  • het belang van vreemde talen inzien
  • bereidheid om (indien nodig) een inhaalbeweging te doen voor grammatica en woordenschat
  • aandacht voor correct taalgebruik

Met welke bijwerkactiviteiten dien ik rekening te houden bij deze overgang?

Cultuurwetenschappen en gedragswetenschappen:

Kom ik als nieuwe leerling in de richting Humane wetenschappen, dan neem ik tijdens de periode voor de herfstvakantie aan een verplicht monitoraatsmoment (25 minuten onder de middagspeeltijd) deel waarin ik aan de hand van teksten, oefeningen en computeropdrachten de essentiële leerstof van de tweede graad bijwerk. Indien ik instap na de kerstvakantie is er een gelijkaardige inhaalperiode tijdens de maanden januari en februari.

Wat is het profiel van de studierichting “IT en netwerken”?

Instroom vanuit allerlei studiegebieden kan met voldoende interesse voor informatica en voldoende niveau voor de algemene vakken van de studierichting. Je hebt een bijzondere interesse voor informatica, zowel hardware als software en voldoende aanleg voor wiskunde. Dit diploma secundair onderwijs geeft je toegang tot alle vormen van hoger onderwijs. Er zijn heel wat informaticagerichte bacheloropleidingen die nauw aansluiten bij deze studierichting.

Na deze studies kan je aan de slag in het deelgebied van de informatica dat aansluit bij je studies en interesses. Zonder verdere opleiding na de richting Informaticabeheer word je vaak tewerkgesteld in een ondersteunende functie in de informaticaomgeving van een KMO of een non-profitorganisatie. Binnen deze functie zal de nadruk vaak liggen op het beheren van computerapparatuur en -programmatuur, op het efficiënt oplossen van probleemsituaties, op het begeleiden van pc-gebruikers en op het optimaliseren van de informatieverwerking.

Welke zijn de specifieke vakken in de studierichting “IT en netwerken”?

Ik leer in toegepaste informatica:

  • gevorderde aspecten van verschillende softwarepakketten (Office)
  • ontwikkeling van software (programmeren) en websites
  • hardware (werking, probleemoplossing, toepassingsgebied, stand-alone PC, netwerken, beveiliging, beheer, …)
  • zelfredzaamheid en zelfstandig werken
  • gestructureerd denken en logisch redeneren
  • de tijdens de lessen vergaarde kennis gebruiken voor het uitwerken van computertoepassingen (zowel hardware- als softwaregericht), het oplossen van computerproblemen

Ik leer in bedrijfsbeheer:

Ik leer in bedrijfsbeheer de basiskennis van het zelfstandig ondernemen. Als je voor dit vak slaagt, behaal je op het einde van de derde graad een attest van bedrijfsbeheer dat je nodig hebt bij het opstarten van een zaak.

De nadruk ligt niet op het kennen en reproduceren van terminologie, maar op het kunnen opzoeken van relevante informatie.

Ik leer in de geïntegreerde proef:

Via de GIP-opdracht van toegepaste informatica krijg ik de kans om de opgedane kennis volgens mijn eigen creativiteit uit te werken tot een volledig project. Dit kan zowel op het gebied van hardware als software uitgewerkt worden.

Voor de GIP-opdracht van bedrijfsbeheer bespreek ik enkele economische aspecten van mijn stagebedrijf, van een zelfgekozen bedrijf of van mijn informaticaproject.

Wat leer ik nog in de studierichting “IT en netwerken”?

Ik leer in wiskunde: (minder theoretische benadering)

  • stapsgewijs de leerstof verwerken
  • wiskundige technieken en methoden voldoende beheersen, ook met gebruik van ict-middelen
  • correct en nauwgezet werken
  • symbolische tekens gebruiken
  • numerieke en grafische informatie verwerken
  • eenvoudige realiteitsgebonden situaties vertalen naar een wiskundig model en de oplossingen kritisch toetsen
  • wiskunde waarderen als een onderdeel van onze dagelijkse leefwereld
 

Ik leer in natuurwetenschappen:

In het vak natuurwetenschappen worden biologie, chemie en fysica geïntegreerd aangeboden via thema’s.

  • helder, logisch en kritisch denken
  • informatie structureren en verwerken
  • reproduceren en geheugen trainen
  • wiskunde toepassen in realiteitsgebonden situaties
  • interesse en nieuwsgierigheid opbrengen voor wetenschappen
    (vertrekkend vanuit mijn leefwereld, demonstratieproeven en beeldmateriaal)
  • veilig, ordelijk en milieubewust werken
 

Ik leer in Nederlands:

  • taalvaardigheden verder ontwikkelen (luisteren en kijken, lezen, spreken/gesprekken voeren, schrijven)
  • voornamelijk in het zesde jaar is dit toegespitst op de geïntegreerde proef
  • literatuur lezen en hierop reflecteren
 

Ik leer in Frans en Engels:

  • motivatie opbrengen om talen te gebruiken in alledaagse en richtinggebonden situaties 
  • vlot en correct taal gebruiken
  • interesse tonen voor de Frans- en Engelstalige wereld
  • communicatieve vaardigheden ontwikkelen
    (luisteren en kijken, lezen, spreken/gesprekken voeren, schrijven)
  • woordenschat uitbreiden, in het bijzonder vakterminologie
 

Welke lessen krijg ik in de studierichting “IT en netwerken”?

 3de graad TSO – IT en netwerken

 

5de jaar

6de jaar

 Aardrijkskunde

1

1

 Bedrijfsbeheer

2

2

 Engels

2

2

 Frans

3

3

 Geschiedenis

1

1

 Godsdienst

2

2

 Lichamelijke opvoeding

2

2

 Natuurwetenschappen

1

1

 Nederlands

3

3

 Toegepaste informatica

11

8

 Wiskunde

4

4

 Stages toegepaste
 informatica (blokstage)

0

2


In welke school binnen de scholengemeenschap Aarschot-Betekom kan ik terecht voor de studierichting “IT en netwerken”?

Wat is het profiel van de studierichting “Marketing en ondernemen”?

De logische vooropleiding is de tweede graad TSO Ondernemen en IT (Handel). De derde graad Marketing en ondernemen is een commerciële studierichting en bereidt je voor op verder studeren in hoger onderwijs (professionele bachelor).

In Handel word je opgeleid voor een commerciële of een administratieve loopbaan in het bedrijfsleven, de overheidsadministratie of de dienstensector. Er is een ruime bedrijfseconomische vorming met aandacht voor de technieken van boekhouding, de binnen- en buitenlandse handel, de toegepaste informatica. Het bedrijfsleven hecht ook veel belang aan een vlotte communicatie – zowel mondeling als schriftelijk – in de eigen taal maar ook in vreemde talen. Binnen de algemene vorming wordt een grondige kennis van het Nederlands, een praktische kennis van het Frans en Engels en een basiskennis van Duits nagestreefd. De zakelijke communicatie is belangrijk. Zowel het ontwikkelen van communicatieve vaardigheden in een zakelijke context alsook de schrijfvaardigheid liggen in het verlengde van de luister-, spreek- en leesvaardigheid.

In de derde graad Marketing en ondernemen worden de beoogde kennis, vaardigheden en attitudes op een concrete en praktische wijze verworven. Naast de nodige theoretische kennis wordt er aandacht besteed aan het praktische. Via disciplinedoorbrekende opdrachten vanuit bedrijfseconomisch oogpunt verwerf je vaardigheden en attitudes die belangrijk zijn in het hoger onderwijs en het arbeidsveld. De opdrachten kunnen zowel in als buiten de school georganiseerd worden in het kader van een minionderneming of oefenfirma, bedrijfsbezoeken, seminaries (ondernemer voor de klas, educatieve spelen) en stages.

Je behaalt op het einde van de derde graad het attest van bedrijfsbeheer als je voor het vak bedrijfseconomie slaagt.

Welke zijn de specifieke vakken in de
studierichting “Marketing en ondernemen”?

Ik leer in het vak bedrijfseconomie:

Bedrijfseconomie bevat:

  • een commercieel gedeelte met aandacht voor marketing en aan- en verkoopactiviteiten op nationaal en internationaal niveau;
  • een administratief gedeelte met de afhandeling van de administratie en het voeren van de boekhouding van een handelsonderneming;
  • een bedrijfseconomisch gedeelte met aandacht voor ondernemersvaardigheden, beleid en reglementering, zodat leerlingen zich later kunnen vestigen als zelfstandige.

    Het vak Bedrijfseconomie is een geïntegreerd vak waarin bedrijfseconomische aspecten, boekhoudkundige aspecten, juridische aspecten, zakelijk-communicatieve aspecten, commerciële en informatica aspecten aan bod komen in de context van enerzijds het zelfstandig ondernemerschap en de werking van een onderneming en anderzijds het beroep van commercieel-administratief medewerker binnen deze onderneming.

    Ik leer in bedrijfseconomie:

  • vermogen tot analyse en synthese verwerven
  • creatief denken, plannen en werk organiseren
  • nauwgezet werken
  • in team functioneren
  • vaardigheden en kennis van Office ontwikkelen
    (o.a. grafieken in Excel, zakelijke verslagen opmaken in Word) 
  • met vertrouwelijke informatie omgaan
 

Ik leer in de geïntegreerde proef:

Omdat het vak bedrijfseconomie een geïntegreerd geheel vormt van bedrijfseconomische aspecten, boekhoudkundige aspecten, commerciële aspecten, juridische aspecten, zakelijk-communicatieve aspecten en informatica-aspecten, ligt het voor de hand dat opdrachten in het kader van de geïntegreerde proef behandeld worden.
De opdrachten kunnen zowel een individueel karakter als een groepskarakter of een combinatie van beide vertonen. 

 

Wat leer ik nog in de studierichting “Marketing en ondernemen”?

Ik leer in het vak wiskunde (minder theoretische benadering)

  • stapsgewijs en in gematigd tempo de leerstof verwerken
  • eenvoudige wiskundige technieken en methoden voldoende beheersen,
  • vaak met gebruik van ict-middelen
  • correct en nauwgezet werken
  • symbolische tekens gebruiken
  • numerieke en grafische informatie verwerken
  • simpele realiteitsgebonden situaties vertalen naar een wiskundig model en de oplossingen
  • interpreteren
  • wiskunde waarderen als een onderdeel van onze dagelijkse leefwereld

Ik leer in het vak natuurwetenschappen:

In het vak natuurwetenschappen worden biologie, chemie en fysica geïntegreerd aangeboden via thema’s.

  • helder, logisch en kritisch denken
  • informatie structureren en verwerken
  • reproduceren en geheugen trainen 
  • eenvoudige wiskunde toepassen in realiteitsgebonden situaties
  • interesse en nieuwsgierigheid opbrengen voor wetenschappen (vertrekkend vanuit mijn leefwereld, demonstratieproeven en beeldmateriaal)
  • veilig, ordelijk en milieubewust werken

Ik leer in talen:

Ik leer in het vak Nederlands:

  • taalvaardigheden (luisteren en kijken, lezen, spreken en gesprekken voeren, schrijven)
  • verder ontwikkelen. Voornamelijk in het zesde jaar is dit toegespitst op de geïntegreerde proef
  • authentieke taalsituaties bestuderen (taalbeschouwing)
  • literatuur lezen en hierop reflecteren
  • mijn zelflerend vermogen ontwikkelen via het gebruik van ict, zelf- en peerevaluatie, groepswerk

    Ik leer in de vakken Frans en Engels:

  • motivatie opbrengen om talen te leren
  • communicatieve vaardigheden (luisteren en kijken, lezen, spreken en gesprekken voeren, schrijven) verder ontwikkelen in alledaagse en richtinggebonden situaties
  • vakterminologie gebruiken, met extra aandacht voor de geïntegreerde proef
  • grammaticale correctheid nastreven bij het uitvoeren van taaltaken
  • woordenschat passief  en actief gebruiken
  • belangstelling voor de Frans- en Engelstalige literatuur en cultuur ontwikkelen
  • mijn zelflerend vermogen ontwikkelen via het gebruik van ict, zelf- en peerevaluatie, groepswerk

    Ik leer in het vak Duits:

  • motivatie opbrengen om deze taal te leren
  • communicatieve vaardigheden
  • (luisteren en kijken, lezen, spreken en gesprekken voeren, schrijven) ontwikkelen
  • grammaticale correctheid nastreven bij het uitvoeren van taaltaken
  • woordenschat passief  en actief gebruiken
  • mijn zelflerend vermogen ontwikkelen via het gebruik van ict, zelf- en peerevaluatie, groepswerk
 

Welke lessen krijg ik in de studierichting “Marketing en ondernemen”?

 3de graad TSO – Marketing en ondernemen

 

5de jaar

6de jaar

 

DIA

SMA

DIA

SMA

 Aardrijkskunde

1

1

1

1

 Duits

2

2

2

2

 Engels

3

3

3

3

 Frans

4

4

4

4

 Geschiedenis

1

1

1

1

 Godsdienst

2

2

2

2

 Lichamelijke opvoeding

2

2

2

2

 Natuurwetenschappen

1

1

1

1

 Nederlands

3

3

3

3

 Bedrijfseconomie

10

10

10

10

 Wiskunde

3

3

3

3

DIA: Damiaaninstituut – SMA: Instituut Sancta Maria 

In welke school binnen de scholengemeenschap Aarschot-Betekom kan ik terecht voor de studierichting “Marketing en ondernemen”?

Welke aanbevelingen zijn er bij deze overgang?

Je komt van de tweede graad:

  • Economie:
    Er wordt een inspanning verwacht voor het verwerven van boekhoudkundige principes en de basiskennis van het Office-pakket. Tienvingerblind kunnen typen is een aanrader.
  • uit een andere studierichting:
    Er wordt een inspanning verwacht voor het verwerven van boekhoudkundige principes en de basiskennis van het Office-pakket. Je toont interesse voor de economische actualiteit. Ondernemingszin is een troef. Tienvingerblind kunnen typen is een aanrader.


Wiskundige basisvaardigheden zijn een must in deze studierichting (rekenvaardigheden, basisalgebra, vergelijkingen oplossen, grafieken van eerstegraadsvergelijkingen en tabellen analyseren) 

De talen zijn een essentieel onderdeel van deze studierichting. Correct taalgebruik is zeer belangrijk.

Met welke bijwerkactiviteiten dien ik rekening te houden bij deze overgang?

Bedrijfseconomie:

mogelijke bijwerkactiviteiten voor bedrijfseconomie (afhankelijk van de school):

  • inhaalpakket boekhouden
  • Office-pakket op zelfstandige basis
  • optioneel inhaalpakket tienvingerblind typen

Wat is het profiel van de studierichting “Mechanische vormgevingstechnieken”?

De studierichtingen van de tweede graad, Mechanische technieken, Elektromechanica en Industriële wetenschappen bereiden het best voor op deze richting.
Als je afstudeert in deze studierichting kan je kiezen voor onmiddellijke tewerkstelling of verdere studies. In het Damiaaninstituut bestaat de mogelijkheid om een zevende jaar Computergestuurde mechanische productietechnieken te volgen (Se-n-Se). Ook een bacheloropleiding is mogelijk.

Mechanische vormgevingstechnieken is praktijkgericht, maar wordt ondersteund door een theoretische basiskennis. Er is veel aandacht voor uitvoeringsgerichte vaardigheden maar ook voor algemene vorming. In het specifieke gedeelte is er steeds een wisselwerking tussen de fasen van voorbereiding (CAD), uitvoering (CNC) en kwaliteitszorg (3D meten). Het ontwerpen, programmeren, uitvoeren en meten zijn geïntegreerd.

De basiskennis van vooral mechanische en ook elektrische principes wordt verder uitgediept.

Je maakt kennis met de bedrijfswereld via bedrijfsbezoeken en stages. Tijdens werkplekleren werk je in een bedrijf onder begeleiding van je leerkracht. Op deze wijze kom je in contact met de nieuwste technologieën en machines.

Met je geïntegreerde proef toon je aan dat je de aangeleerde competenties en vaardigheden voldoende beheerst.

Welke zijn de specifieke vakken in de studierichting “Mechanische vormgevingstechnieken”?

Ik leer in realisaties mechanische vormgeving:

  • ontwerpen, uitvoeren en kwaliteit controleren
    • ik maak voor het ontwerpen gebruik van professionele computer tekenprogramma’s of CAD. Ik leer ontwerpen en uitvoeringstekeningen maken, waarbij ik met verschillende aspecten rekening moet houden.
    • ik maak werkstukken met behulp van computergestuurde machines of CNC. Ik leer metaalbewerkingsmachines instellen en bedienen.
    • ik meet het werkstuk volledig op met conventionele meetmiddelen (schuifmaat, schroefmaat, meet-klokken…), en een computergestuurde 3D-meetbank.
    • uit mijn meetrapport trek ik de nodige besluiten en breng ik indien nodig correcties aan.
    • ik onderzoek hydraulische en pneumatische processen.
  • monteren en demonteren
  • theoretische mechanica: ik leer over dynamica, statica, kinematica en sterkteleer.
  • elektrische processen (in beperkte mate)


Ik krijg de kans om volgende attesten te behalen:

  • VCA veiligheid
  • bedrijfsbeheer 

Wat leer ik nog in de studierichting “Mechanische vormgevingstechnieken”?

Ik leer in wiskunde: (toepassingsgerichte benadering)

  • stapsgewijs en in gematigd tempo de leerstof verwerken
  • eenvoudige wiskundige technieken en methoden toepassen,
  • vaak met gebruik van ict-middelen
  • correct en nauwgezet werken
  • symbolische tekens gebruiken
  • numerieke en grafische informatie verwerken
  • simpele realiteitsgebonden situaties wiskundig interpreteren
  • wiskunde waarderen als een onderdeel van onze dagelijkse leefwereld

Ik leer in talen:

  • vlot en correct taal gebruiken
  • communicatieve vaardigheden ontwikkelen  in richtinggebonden situaties
    (luisteren en kijken, lezen, spreken/gesprekken voeren, schrijven)
  • woordenschat uitbreiden, in het bijzonder vakterminologie
  • leerbereidheid en motivatie opbrengen voor het leren van talen
 

Welke lessen krijg ik in de studierichting “Mechanische vormgevingstechnieken”?

 

 3de graad TSO – Mechanische vormgevingstechnieken

 

5de jaar

6de jaar

 Aardrijkskunde

1

1

 Frans

2

2

 Geschiedenis

1

1

 Godsdienst

2

2

 Lichamelijke opvoeding

2

2

 Realisaties mechanische   vormgeving + stage

20

20

 Nederlands

2

2

 Wiskunde

2

2

 Bedrijfsbeheer (facultatief)

2

2

 

In welke school binnen de scholengemeenschap Aarschot-Betekom kan ik terecht voor de studierichting “Mechanische vormgevingstechnieken”?

Damiaaninstituut P. Dergentlaan 220, 3200 AARSCHOT – www.damiaaninstituut.be

Welke aanbevelingen zijn er bij deze overgang?

Je hebt grote belangstelling voor techniek en je bent zeer gemotiveerd. Je kan logisch redeneren en probleemoplossend denken. ict-vaardigheden zijn een troef.
Je zal voor een aantal specifieke vakonderdelen een extra inspanning moeten leveren, met name voor CAD-tekenen, vormgeving en bediening van machines.


Met welke bijwerkactiviteiten dien ik rekening te houden bij deze overgang?

Realisaties mechanische vormgeving:

  • leren werken met het CAD-tekenprogramma. Ik word door de leerkracht begeleid tijdens de lessen en oefen thuis op zelfstandige basis.

    (het tekenpakket kan gratis gedownload worden)

  • leren instellen van metaalbewerkingsmachines. Ik word door de leerkracht begeleid tijdens de lessen en verwerf technische kennis in verband met keuzegereedschappen, snijsnelheden, voeding…

    Om specifieke technische tekorten bij te werken, is een blijvende motivatie, doorzetting en extra inspanning vereist.

Wat is het profiel van de studierichting “Office & retail”?

De studierichting Office & retail beoogt een grondige opleiding, gebaseerd op twee beroepsopleidingsprofielen: administratief bediende en verkoopsmedewerker. De klemtoon van de opleiding ligt in het verwerven van enerzijds functionele kantoorvaardigheden en anderzijds commerciële vaardigheden.

Er wordt van jou verwacht dat je over een grote belangstelling voor bovenstaande vaardigheden beschikt. Bij het aanleren van de kantoorvaardigheden wordt ruime aandacht besteed aan het leren omgaan en werken met ict-middelen. Bij het aanleren van commerciële vaardigheden wordt ruime aandacht besteed aan de activiteiten die verwacht worden van een retailmedewerker.

De vorming in derde graad Office & retail bestaat uit twee componenten:

  • een communicatieve component waarin praktische aspecten van zakelijke communicatie in het Nederlands, Frans en Engels wordt aangebracht
  • een bedrijfsgerichte component met een stevige vorming waarin de verschillende uitvoerende secretariaatstaken geïntegreerd worden door gebruik te maken van ict, een boekhoudkundige vorming en een praktische commerciële vorming rond de verschillende uitvoerende aspecten van het retailwerk.
    Tijdens vakdoorbrekende projecten (stage, werkplekleren, oefenfirma, minionderneming, educatieve spelen) met een link naar de praktijk worden accenten gelegd op het verwerven van vaardigheden en attitudes.

Op het einde van het tweede leerjaar van de derde graad Office & retail krijg je het getuigschrift van de derde graad secundair onderwijs.

Na de derde graad Office & retail kan je doorstromen naar Business support of Logistics om in het zevende jaar het diploma secundair onderwijs te behalen.

Via bedrijfsstages kom je in direct contact met de sociale en economische realiteit en word je voorbereid op directe tewerkstelling.

Welke zijn de specifieke vakken in de studierichting “Office & retail”?

Ik leer in communicatieve vaardigheden en in de taalvakken:

  • motivatie opbrengen voor correct taalgebruik in alledaagse situaties en kantooradministratie
  • communicatieve vaardigheden ontwikkelen
    (spreken en gesprekken voeren, luisteren, lezen en schrijven in een zakelijke context)
  • woordenschat passief en actief gebruiken
  • belangstelling voor de Nederlands-, Frans- en Engelstalige cultuur ontwikkelen
  • aandacht besteden aan de vormgeving van teksten

Ik leer in major administratief medewerker:

In het luik administratief medewerker leer ik in te staan voor het onthaal, het bedienen van de telefoon, het verwerken van de post, het bijhouden van de agenda, het archiveren, het corresponderen en het uitvoeren van ondersteunende administratieve taken. Ik word ook ingeschakeld voor uitvoerende taken in de aankoopadministratie, verkoopadministratie en boekhouding. Het ondersteunen van vergaderingen behoort eveneens tot mijn takenpakket.

Ik leer in retail:

Als retailmedewerker leer ik werken  zowel in de kleine detailhandel als in het grootwinkelbedrijf en zowel in de food als non-food sector. Ik krijg te maken met allerlei aspecten van de verkoop. Het contact met de klant staat voorop, zowel bij het voeren van het verkoopsgesprek als bij de financiële afhandeling. Ik besteed ook een deel van mijn tijd aan het op aantrekkelijke wijze presenteren van artikelen en het schoonhouden van de winkel. Ik zorg ervoor dat de presentaties op orde blijven en de voorraad in de verkoopruimte aangevuld blijft. Ik sta ook in voor het ontvangen en opslaan van de goederen.

Als praktijkervaring loop ik  vanaf het vijfde tot en met een zevende specialisatiejaar stage. Aan de hand van een didactische werkwinkel, mini-onderneming, oefenfirma, bedrijfsbezoeken en werkplekleren leer ik het theoretische aspect te toetsen aan de realiteit.

Ik leer in office & retail:

  • ordelijk en nauwkeurig werken
  • in team functioneren
  • vaardigheden en kennis van Office ontwikkelen
    (o.a. grafieken in Excel, zakelijke verslagen opmaken in Word) 
  • met vertrouwelijke informatie omgaan
  • zin voor initiatief ontwikkelen
  • met stressituaties omgaan
  • de NBN-normen toepassen

Ik leer in de geïntegreerde proef (GIP):

De opdracht heeft een individueel karakter. Het spreekt voor zich dat de neerslag van de geïntegreerde proef met een tekstverwerkingspakket gebeurt.
Naast het vak kantoor worden ook andere vakken betrokken, zoals zakelijke communicatie Nederlands, Frans en Engels. Bovenvermelde kennis, vaardigheden en attitudes kunnen inspirerend werken in de ontwikkeling van mijn opdrachten.

 

Wat leer ik nog in de studierichting “Office & retail”?

Ik leer in MAVO:

MAVO wil zeggen maatschappelijke vorming. De nadruk ligt op algemene vorming, actualiteit en zeer praktische kennis. Het is een vak eigen aan deze studierichting. Ik werk rond bepaalde thema’s waarin verschillende algemene vakken (geschiedenis, aardrijkskunde, Nederlands) aan bod komen. Groepswerk neemt een belangrijke plaats in. 

Welke lessen krijg ik in de studierichting “Office & retail”?

 

 3de graad BSO – Office & retail

 

5de jaar

6de jaar

 Major administratief medewerker

8

5/6

 Boekhouding,

0

2

 Engels

2

2

 Frans

3

2

 Godsdienst

2

2

 Lichamelijke opvoeding

2

2

 Logistiek

0

2

 Maatschappelijke
 vorming

2

2

 Nederlands

2

2

 Retail

5

3/2

 Secretariaat

0

4

 Stages

4

11

 Wetgeving

0

1

 Zakelijke communicatie

2

0

 

In welke school binnen de scholengemeenschap Aarschot-Betekom kan ik terecht voor de studierichting “Office & retail”?

Instituut Sancta Maria Kardinaal Mercierstraat 10, 3200 AARSCHOT – www.sanctamaria-aarschot.be

 

Welke aanbevelingen zijn er bij deze overgang?

In principe stroom ik uit het tweede leerjaar van de tweede graad Office & retail of uit Ondernemen en IT.

Ik kom uit een andere studierichting
Het is aanbevolen dat ik beschik over volgende basiskennis en attitudes:

  • ict-vaardigheden (Office-pakket en tienvingerblind typen)
  • basiskennis omtrent de goederen- en documentenstroom
  • opmaak van handelsdocumenten
  • de opslag van goederen in een magazijn van een supermarkt
  • de presentatie van de binnengekomen goederen op rekken in de winkelruimte
  • de basisprincipes van een dubbele boekhouding

Met welke bijwerkactiviteiten dien ik rekening te houden bij deze overgang?

Office & retail:

mogelijke bijwerkactiviteiten voor Office & retail:

  • inhaalpakket boekhouden
  • Office-pakket op zelfstandige basis
  • inhaalpakket tienvingerblind typen

Wat is het profiel van de studierichting “Office management en communicatie”?

De logische vooropleiding is de tweede graad Ondernemen en IT. Ook een overgang vanuit een andere studierichting is mogelijk.

De richting Office management en communicatie is een polyvalente doorstromingsrichting die sterk taalkundig en administratief gericht is. Geïntegreerde administratieve opdrachten met veel aandacht voor de (zakelijke) communicatie in het Nederlands en drie vreemde talen vormen de ruggengraat van de opleiding. Je vergaart hierbij de nodige kennis, vaardigheden en attitudes die voorbereiden op verder studeren in managementondersteunende opleidingen in het hoger onderwijs (professionele bachelor).
Office management en communicatie wil je voorbereiden op de vele secretariaatsfuncties van het bedrijfsleven en de administratieve diensten. Deze studierichting is duidelijk minder wiskundig onderbouwd. De nadruk ligt op de talen en is vooral afgestemd op de praktijk en de specifieke handelstaal, zowel mondeling als schriftelijk. Er wordt verwacht dat je opdrachten ordelijk, stipt en nauwkeurig kunt uitvoeren.

In het taalonderwijs komen luisteren, spreken, lezen en schrijven aan bod. Je leert een drietalige zakelijke com-municatie in het Nederlands, Frans en Engels voeren. Je leert teksten zonder taal- en grammaticafouten opstellen in een vlotte stijl en met correcte inhoud. Je leert communiceren via telefoon, fax, gewone en elektronische post, netwerken. In het Duits werk je vooral met veel voorkomende zakelijke teksten. In de bedrijfsgerichte secretariaatsvorming komen ict-toepassingen en NBN-normen aan bod. Je leert werken met enkele professionele basispakketten zoals tekstverwerking, gegevensbanken, elektronisch rekenblad en elektronisch presenteren.
Je leert efficiënt documenten opmaken. In het tweede jaar van de derde graad maak je een geïntegreerde proef waarin je bedrijfsspecifieke informatie verwerft, verwerkt en doorgeeft.

Je behaalt op het einde van de derde graad het attest van bedrijfsbeheer als je voor het vak toegepaste economie slaagt.

Welke zijn de specifieke vakken in de studierichting “Office management en communicatie”?

Ik leer in zakelijke communicatie:

Ik leer correct te communiceren in het Nederlands, Frans, Engels en Duits met specifieke aandacht voor de praktische vaardigheden in een bedrijfscontext.

Ik leer in secretariaat:

De competenties voor het vak secretariaat zijn samengebracht in zes clusters, waarbij de ict doelstellingen ondersteunend werken bij de realisatie van deze clusters:

  • werkomgeving en profiel van de office assistant
  • onthaal
  • correspondentie en postbehandeling
  • archivering en klassement
  • vergaderingen
  • zakenreis en zakenlunch

    Ik ontwikkel de volgende attitudes:

  • leergierig zijn
  • kritisch en creatief denken
  • stipt en nauwgezet werken
  • oog voor detail hebben
  • regelmatig werken
  • bereidheid samen te werken
  • uit ethisch besef handelen

Ik leer in de geïntegreerde proef:

De opdracht heeft een individueel karakter. Het spreekt voor zich dat de neerslag van de geïntegreerde proef met een tekstverwerkingspakket gebeurt.
Naast het vak Secretariaat worden ook andere vakken betrokken, zoals bijvoorbeeld zakelijke communicatie Nederlands, Frans en Engels. Bovenvermelde kennis, vaardigheden en attitudes kunnen inspirerend werken in de ontwikkeling van de opdrachten. 

 

Wat leer ik nog in de studierichting “Office management en communicatie”?

Ik leer in wiskunde: (toepassingsgerichte benadering)

  • stapsgewijs en in gematigd tempo de leerstof verwerken
  • eenvoudige wiskundige technieken en methoden toepassen,
  • vaak met gebruik van ict-middelen
  • correct en nauwgezet werken
  • symbolische tekens gebruiken
  • numerieke en grafische informatie verwerken
  • simpele realiteitsgebonden situaties wiskundig interpreteren
  • wiskunde waarderen als een onderdeel van onze dagelijkse leefwereld

Ik leer in natuurwetenschappen:

In het vak natuurwetenschappen worden biologie, chemie en fysica geïntegreerd aangeboden via thema’s.

  • helder, logisch en kritisch denken
  • informatie structureren en verwerken
  • reproduceren en geheugen trainen
  • eenvoudige wiskunde toepassen in realiteitsgebonden situatie
  • interesse en nieuwsgierigheid opbrengen voor wetenschappen
    (vertrekkend vanuit mijn leefwereld, demonstratieproeven en beeldmateriaal)
  • veilig, ordelijk en milieubewust werken

Ik leer in Nederlands:

  • taalvaardigheden (luisteren en kijken, lezen, spreken en gesprekken voeren, schrijven)verder ontwikkelen. Voornamelijk in het zesde jaar is dit toegespitst op de geïntegreerde proef
  • authentieke taalsituaties bestuderen (taalbeschouwing)
  • literatuur lezen en hierop reflecteren
  • mijn zelflerend vermogen ontwikkelen via het gebruik van ict, zelf- en peerevaluatie, groepswerk

Ik leer in Frans en Engels:

  • motivatie opbrengen om talen te leren
  • communicatieve vaardigheden (luisteren en kijken, lezen, spreken en gesprekken voeren, schrijven) verder ontwikkelen in alledaagse en richtinggebonden situaties
  • vakterminologie gebruiken, met extra aandacht voor de geïntegreerde proef (GIP)
  • grammaticale correctheid nastreven bij het uitvoeren van taaltaken
  • woordenschat passief  en actief gebruiken
  • belangstelling voor de Frans- en Engelstalige literatuur en cultuur ontwikkelen
  • mijn zelflerend vermogen ontwikkelen via het gebruik van ict, zelf- en peerevaluatie, groepswerk

Ik leer in Duits:

  • motivatie opbrengen om deze taal te leren
  • communicatieve vaardigheden
    (luisteren en kijken, lezen, spreken en gesprekken voeren, schrijven) ontwikkelen
  • grammaticale correctheid nastreven bij het uitvoeren van taaltaken
  • woordenschat passief  en actief gebruiken
  • mijn zelflerend vermogen ontwikkelen via het gebruik van ict, zelf- en peerevaluatie, groepswerk
 

Welke lessen krijg ik in de studierichting “Office management en communicatie”?

 

 3de graad TSO – Office management en communicatie

 

5de jaar

6de jaar

 Aardrijkskunde

1

1

 Duits

3

3

 Engels + Zakelijke communicatie

3

3

 Frans + Zakelijke
 communicatie

4

4

 Geschiedenis

1

1

 Godsdienst

2

2

 Lichamelijke opvoeding

2

2

 Natuurwetenschappen

1

1

 Nederlands + Zakelijke 
 communicatie

5

4

 Secretariaat + Stage

8

9

 Wiskunde

2

2

 

In welke school binnen de scholengemeenschap Aarschot-Betekom kan ik terecht voor de studierichting “Office management en communicatie”?

Damiaaninstituut P. Dergentlaan 220, 3200 AARSCHOT – www.damiaaninstituut.be

Welke aanbevelingen zijn er bij deze overgang?

Indien je in de derde graad Office management en communicatie begint kan je voorkennis verscheiden zijn.
Er wordt een inspanning verwacht voor het verwerven van de basiskennis van het Office-pakket:

  • tekstverwerking
  • elektronisch rekenblad
  • gegevensbeheer
  • elektronisch presenteren
  • elektronische communicatie

Tienvingerblind kunnen typen is een must.

De talen zijn een essentieel onderdeel van deze studierichting. Correct taalgebruik is zeer belangrijk.

Met welke bijwerkactiviteiten dien ik rekening te houden bij deze overgang?

Secretariaat:

  • klaviervaardigheid op zelfstandige basis via het typprogramma Typ-top Plus aanleren
  • basiskennis Office via inhaaluren tijdens de middagpauze verwerven (vraaggestuurd)

Wat is het profiel van de studierichting “Sociale en technische wetenschappen”?

De logische vooropleiding is de tweede graad Sociale en technische wetenschappen.

In de studierichting Sociale en technische wetenschappen verken je de wisselwerking tussen de mens, voeding en milieu en je eigen positie daarbinnen. Naast een algemene vorming ontwikkel je hierin ook menswetenschappelijke en natuurwetenschappelijke inzichten.
De studierichting is opgebouwd vanuit de hoofdvakken natuurwetenschappen, sociale wetenschappen en integrale opdrachten. Binnen deze vakken ga je de verschillende wetenschappen bestuderen en praktisch toepassen.

In natuurwetenschappen verwerf je inzichten en vaardigheden via experimenten en praktische opdrachten, gesteund op de theorie. De basiskennis vertrekt vanuit drie pijlers: mens (biologie en chemie), milieu (fysica, biologie en chemie) en voeding (biologie en chemie).

Je leert in het vak sociale wetenschappen in groep werken, je mening formuleren, onderzoeken en kritisch nadenken. Dit leer je doordat de leerstof niet altijd kant-en-klaar aangeboden wordt en je verwerkings- of onderzoeksopdrachten dient te maken over verschillende thema’s.

In deze richting ontwikkel je naast een theoretisch kader ook competenties. Competenties zijn niet gericht op enkel kennis, maar gaan om de samenhang van kennis, vaardigheden en attitudes in een concrete situatie.
De vier competenties, die binnen de richting Sociale en technische wetenschappen centraal staan en binnen het vak Integrale opdrachten ontwikkeld worden, zijn:

  • onderzoeken: binnen een welomschreven opdracht sociaalwetenschappelijke en natuurwetenschappelijke onderwerpen onderzoeken
  • organiseren: binnen een welomschreven opdracht een persoonsgerichte activiteit voor een groep organiseren of een maaltijd/gerecht voor een groep plannen, voorbereiden en bereiden
  • presenteren: binnen een welomschreven opdracht iets mondeling presenteren voor een groep
  • reflecteren en eigen leren/studieloopbaan in handen nemen: nadenken over jezelf, je eigen sterke en minder sterke kanten leren kennen en hier mee leren omgaan, bekijken wat je interesses zijn en op basis daarvan je mogelijkheden na het zesde jaar in kaart brengen.

In het zesde jaar staat dit vak volledig in het teken van de geïntegreerde proef.

Welke zijn de specifieke vakken in de studierichting “Sociale en technische wetenschappen”?

De nadruk in de richtingsvakken ligt op het ontwikkelen van volgende attitudes:

  • sociaalvoelend zijn
  • creatief en nieuwsgierig zijn
  • interesse in de mens, de wereld, wetenschappen tonen
  • in een team kunnen samenwerken
  • zelfstandig werken
  • empathisch ingesteld zijn
  • openstaan ten aanzien van verschillen tussen mensen
  • een open houding ten opzichte van feedback aannemen

Ik leer in integrale opdrachten:

Competenties op het vlak van onderzoeken, organiseren, presenteren en reflecteren. Deze vier competenties worden regelmatig ingeoefend en bereikt via concrete opdrachten. Deze opdrachten worden aangeboden vanuit de verschillende componenten (natuurwetenschappen, sociale wetenschappen, voeding, activiteit en expressie). Vanuit mijn eigen invalshoek stel ik gerichte opdrachten op die me helpen in het groeien binnen deze competenties. Deze opdrachten zijn eerder praktisch en zijn veelal gericht op een concrete doelgroep. Zo zal ik een activiteit opzetten voor leeftijdsgenoten, bereid ik een maaltijd voor kinderen. Elke opdracht belicht één of meerdere competenties.

Tijdens deze opdrachten leer ik in groep werken, maar zal ik ook alleen aan de slag gaan. Integrale opdrachten is dus zowel praktisch, toepassings- als theoretisch gericht.

Ik leer in natuurwetenschappen:

Aan de hand van verschillende natuurwetenschappelijke thema’s leer ik:

  • reproduceren en geheugen trainen
  • verbanden leggen tussen de wetenschap en de samenleving
  • aandacht geven aan veiligheid in het labo
  • ordelijk werken
  • helder, logisch en kritisch denken
  • teksten, tabellen en grafieken interpreteren
 

Ik leer in sociale wetenschappen:

  • interne en externe factoren die ons gedrag beïnvloeden
  • lichamelijke, cognitieve en sociaal-emotionele ontwikkeling van de mens onderzoeken
  • elementen die een rol spelen in het pedagogisch handelen onderzoeken
  • verschillende leerprocessen doorgronden via praktische voorbeelden
  • inzicht krijgen in factoren als emotie, cognitie en motivatie die mijn leren en mijn gedrag beïnvloeden
  • theoretische denkkaders toepassen op alledaagse situaties
  • het democratisch, economisch, sociaal-maatschappelijk systeem en het rechtssysteem bestuderen
  • mogelijke studierichtingen en beroepsmogelijkheden na de richting Sociale en technische wetenschappen verkennen
  • steeds verbanden met mijn eigen gedrag en omgeving leggen
 

Wat leer ik nog in de studierichting “Sociale en technische wetenschappen”?

Ik leer in wiskunde: (minder theoretische benadering)

  • stapsgewijs en in gematigd tempo de leerstof verwerken
  • eenvoudige wiskundige technieken en methoden toepassen,
  • soms met gebruik van ict-middelen
  • correct en nauwgezet werken
  • symbolische tekens gebruiken
  • numerieke en grafische informatie verwerken
  • simpele realiteitsgebonden situaties vertalen naar een wiskundig model en de oplossingen
  • interpreteren
  • wiskunde waarderen als een onderdeel van onze dagelijkse leefwereld
  • samenwerken en leren van elkaar
 

Ik leer in Nederlands:

  • taalvaardigheden verder ontwikkelen (luisteren en kijken, lezen, spreken/gesprekken voeren, schrijven)

    met extra aandacht voor de geïntegreerde proef in het zesde jaar

  • gedichten, romans en toneel beoordelen
 

Ik leer in Frans en Engels:

  • vlot en correct taal gebruiken
  • interesse tonen voor de Frans- en Engelstalige wereld
  • communicatieve vaardigheden verder ontwikkelen in alledaagse situaties
    (luisteren en kijken, lezen, spreken/gesprekken voeren, schrijven)
  • woordenschat actief en passief gebruiken
 

Welke lessen krijg ik in de studierichting “Sociale en technische wetenschappen”?

 

 3de graad TSO – Sociale en technische wetenschappen

 

5de jaar

6de jaar

 Aardrijkskunde

1

1

 Engels

2

2

 Frans

3

3

 Geschiedenis

1

1

 Godsdienst

2

2

 Integrale opdrachten

6

6

 Lichamelijke opvoeding

2

2

 Natuurwetenschappen

4

4

 Nederlands

4

4

 Sociale wetenschappen

4

4

 Wiskunde

3

3

 

In welke school binnen de scholengemeenschap Aarschot-Betekom kan ik terecht voor de studierichting “Sociale en technische wetenschappen”?

Sint-Jozefsinstituut Pastoor Pitetlaan 28, 3130 BETEKOM (Middenschool) Prof Sharpélaan 23, 3130 BETEKOM (Bovenbouw) www.sjib.be

 

Welke aanbevelingen zijn er bij deze overgang?

Je bent breeddenkend en kritisch ingesteld en beschikt over communicatieve vaardigheden. Je handen uit de mouwen kunnen steken is een troef! Je toont interesse in de actualiteit, beschikt over sociale vaardigheden en staat open voor andersdenkenden.

Aangezien je uit een andere studierichting komt, is het voor het lerarenteam belangrijk om te kunnen inschatten hoever je gevorderd bent in de vier competenties. In de maand september (of januari als je later instroomt) zal je gevraagd worden een portfolio samen te stellen. Je maakt dit portfolio op zelfstandige basis en probeert daarmee aan te tonen dat je de vier competenties bezit. Vaak heb je op school of daarbuiten ervaringen opgedaan waarmee je al dan niet bewust aan deze competenties gewerkt hebt.

Het IO-team beslist of dit portfolio voldoende is. Indien niet, worden tijdens het schooljaar bijkomende ondersteunde opdrachten gegeven om aan de specifieke competenties, die nog niet voldoende werden aangetoond, te werken.

Met welke bijwerkactiviteiten dien ik rekening te houden bij deze overgang?

Sociale wetenschappen:

Indien je later (november tot januari) in het schooljaar instroomt zijn er bijwerkactiviteiten nodig voor de gemiste leerstof. Deze bijwerkactiviteiten worden op maat gemaakt. Deze opdrachten verwerk je zelfstandig thuis en bespreek je achteraf met de leerkracht.

Wat is het profiel van de studierichting “Auto”?

De studierichting Auto is praktijkgericht, doch ondersteund door een theoretische basiskennis. Er is veel aandacht voor uitvoeringsgerichte vaardigheden maar ook voor algemene vorming.
Als je graag de handen uit de mouwen steekt, voel je je zeker thuis in het interessedomein technologie – niveau 4 -, waar het ‘doen’ centraal staat. Het nastreven van een hoge kwaliteit bij een eigen realisatie, met de daaraan verbonden arbeidsvreugde en arbeidsfierheid, staat voorop. De algemene vorming wordt beperkt, maar is toch aanwezig in de vorm van projectonderwijs (PAV). Taal, wiskunde, maatschappelijke vorming, geschiedenis, aardrijkskunde komen hier aan bod.

Auto is een studierichting die gericht is op tewerkstelling, maar met je diploma secundair onderwijs kan verder studeren (bv.professionele bachelor Autotechnologie, bachelor lerarenopleiding) eventueel ook. 
 
Je hebt een ruime interesse voor de autosector. Binnen het traject auto word je opgeleid tot:

  • mecanicien personen- en lichte bedrijfswagens
  • technicus personen- en lichte bedrijfswagens
  • technicus personen- en lichte bedrijfswagens specialiteit LPG

In de blokstage tijdens je zesde en zevende jaar krijg je de mogelijkheid om je verworven competenties toe te passen in een reële werksituatie.


Wat leer ik in de studierichting “Auto”?

Ik leer in PAV:

  • meer over taal, wiskunde, maatschappelijke vorming, geschiedenis,  aardrijkskunde, wetenschappen,… via interessante projecten
  • mijn wereldbeeld verruimen en leer zo mijzelf beter kennen

Ik leer in Engels:

  • me uitdrukken in dagelijkse situaties met de klemtoon op praktisch taalgebruik en zelfredzaamheid

Ik leer in bedrijfsbeheer:

  • als ondernemer het ondernemingsplan opstellen
  • als ondernemer het administratief en het commercieel luik van de onderneming behartigen

    Deze cursus wordt facultatief aangeboden. Slaag ik voor deze cursus, dan behaal ik het getuigschrift over de basiskennis van het bedrijfsbeheer.

Welke lessen krijg ik in de studierichting “Auto”?

/

In welke school binnen de scholengemeenschap Aarschot-Betekom kan ik terecht voor de studierichting “Auto”?

Damiaaninstituut P. Dergentlaan 220, 3200 AARSCHOT – www.damiaaninstituut.be

Welke aanbevelingen zijn er bij deze overgang?

Je hebt voldoende interesse voor het uitvoeren van herstellingen aan voertuigen.
Je bent handvaardig en je bent bereid een inspanning te leveren om de gemiste competenties van de tweede graad te verwerven.
In het modulair systeem is het door jou reeds gevolgde traject bepalend bij de overgang naar de derde graad.
Je voorkeur voor deze studierichting wordt besproken in een toelatingsklassenraad.
Deze klassenraad beslist na een eventuele toelatingsproef of je overstap haalbaar is.

Met welke bijwerkactiviteiten dien ik rekening te houden bij deze overgang?

Afhankelijk van de vooropleiding kunnen bijwerkactiviteiten nodig zijn
(bv. leren lassen, kennis van elektriciteit bijwerken,  metaalbewerking )

Wat is het profiel van de studierichting
“Centrale verwarming en sanitaire installaties”?

Als je graag de handen uit de mouwen steekt, voel je je zeker thuis in het interessedomein technologie – niveau 4 -, waar het doen centraal staat. Het nastreven van een hoge kwaliteit bij een eigen realisatie met de daaraan verbonden arbeidsvreugde en arbeidsfierheid staat voorop. De algemene vorming wordt beperkt, maar is toch aanwezig in de vorm van projectonderwijs (PAV): taal, wiskunde, maatschappelijke vorming, geschiedenis, aardrijkskunde komen hier aan bod.

Centrale verwarming en sanitaire installaties is een studierichting die gericht is op tewerkstelling, maar met je diploma secundair onderwijs kan verder studeren  (bv. bachelor Elektromechanica-klimatisering, bachelor lerarenopleiding) eventueel ook.
Om de tewerkstellingsmogelijkheden te verhogen, ligt de klemtoon op het zo praktisch mogelijk aanbrengen van zowel de algemene als de specifieke vorming.

Je hebt een ruime interesse voor verwarmingstechnieken. Binnen het traject warmte word je opgeleid tot:

  • Loodgieter
  • Installateur individuele gasverwarming
  • Monteur centrale verwarming
  • Technieker centrale verwarming
  • Installateur centrale verwarming

In de blokstage tijdens je zesde en zevende jaar krijg je de mogelijkheid om je verworven competenties toe te passen in een reële werksituatie.


Wat leer ik in de studierichting “Centrale verwarming en sanitaire installaties”?


Ik leer in PAV:

  • meer over taal, wiskunde, maatschappelijke vorming, geschiedenis,  aardrijkskunde, wetenschappen,… via interessante projecten
  • mijn wereldbeeld verruimen en mezelf beter kennen

Ik leer in Engels:

  • me uitdrukken in dagelijkse situaties met de klemtoon op praktisch taalgebruik en zelfredzaamheid

Ik leer in bedrijfsbeheer:

  • als ondernemer het ondernemingsplan opstellen
  • als ondernemer het administratief en het commercieel luik van de onderneming behartigen

    Deze cursus wordt facultatief aangeboden. Slaag ik voor deze cursus, dan behaal ik het ‘getuigschrift over de basiskennis van het bedrijfsbeheer’. 


Welke lessen krijg ik in de studierichting
“Centrale verwarming en sanitaire installaties”?

 

 3de graad BSO –
 Centrale verwarming en sanitaire
 installaties

5de jaar

6de jaar

7de jaar

 Godsdienst

2

2

2

 Lichamelijke opvoeding

2

2

2

 Engels

1

1

2

 Realisaties

23

23

20

 Project algemene vakken (PAV)

4

4

6

 Bedrijfsbeheer (facultatief)

 

(2)

(2)


In welke school binnen de scholengemeenschap Aarschot-Betekom kan ik terecht voor de studierichting “Centrale verwarming en sanitaire installaties”?

Damiaaninstituut P. Dergentlaan 220, 3200 AARSCHOT – www.damiaaninstituut.be

 

 

 

Welke aanbevelingen zijn er bij deze overgang?

Je vindt warmte ‘hot ‘en je hebt voldoende interesse in de verwarmingswereld: het beheersen en regelen van de omgevingstemperatuur in industriële toepassingen en particuliere woningen. Monteren, demonteren en foutanalyse zijn je ding.
Je  bent handvaardig en je moet een inspanning leveren om de gemiste competenties van de tweede graad te verwerven. 

In het modulair systeem is het door jou reeds gevolgde traject bepalend bij de overgang naar de derde graad.
Je voorkeur voor deze studierichting wordt besproken in een toelatingsklassenraad.
Deze klassenraad beslist na een eventuele toelatingsproef of je overstap haalbaar is.

Met welke bijwerkactiviteiten dien ik rekening te houden bij deze overgang?

Afhankelijk van de vooropleiding kunnen bijwerkactiviteiten nodig zijn
(bv. leren lassen, buisbewerking)

Wat is het profiel van de studierichting “Houtbewerking”?

Als je graag de handen uit de mouwen steekt, voel je je zeker thuis in het interessedomein technologie – niveau 4 -, waar het doen centraal staat. Het nastreven van een hoge kwaliteit bij een eigen realisatie, met de daaraan verbonden arbeidsvreugde en arbeidsfierheid, staat voorop. De algemene vorming is beperkt, maar is toch aanwezig in de vorm van projectonderwijs (PAV): taal, wiskunde, maatschappelijke vorming, geschiedenis, aardrijkskunde komen hier aan bod.
Automatisering is in de houtopleiding een must. Vanaf het derde jaar word je vertrouwd gemaakt met AutoCAD en met de computergestuurde houtbewerking (CNC).
Hout is een studierichting die gericht is op tewerkstelling, maar met je diploma secundair onderwijs kan verder studeren  (bv. bachelor houttechnologie, bachelor lerarenopleiding) eventueel ook.
Om de tewerkstellingsmogelijkheden te verhogen, ligt de klemtoon op het zo praktisch mogelijk aanbrengen van zowel de algemene als de specifieke vorming.

Je hebt een ruime interesse voor de houtsector. Binnen het traject hout word je opgeleid tot:

  • Machinaal houtbewerker
  • Werkplaatsschrijnwerker
  • Binnenschrijnwerker
  • Interieurbouwer

In de blokstage tijdens je zesde en zevende jaar krijg je de mogelijkheid om je verworven competenties toe te passen in een reële werksituatie.


Wat leer ik in de studierichting “Houtbewerking”?

Ik leer in PAV:

  • meer over taal, wiskunde, maatschappelijke vorming, geschiedenis,  aardrijkskunde, wetenschappen,… via interessante projecten
  • mijn wereldbeeld verruimen en zo mezelf beter kennen

Ik leer in Engels:

  • me uitdrukken in dagelijkse situaties met de klemtoon op praktisch taalgebruik en zelfredzaamheid

Ik leer in bedrijfsbeheer:

  • als ondernemer het ondernemingsplan opstellen
  • als ondernemer het administratief en het commercieel luik van de onderneming behartigen

    Deze cursus wordt facultatief aangeboden. Slaag ik voor deze cursus, dan behaal ik het getuigschrift over de basiskennis van het bedrijfsbeheer.


Welke lessen krijg ik in de studierichting “Houtbewerking”?
 

 3de graad BSO – Houtbewerking

5de jaar

6de jaar

7de jaar

 Godsdienst

2

2

2

 Lichamelijke opvoeding

2

2

2

 Engels

1

1

2

 Realisaties

23

23

20

 Project algemene vakken (PAV)

4

4

6

 Bedrijfsbeheer (facultatief)

 

(2)

(2)


In welke school binnen de scholengemeenschap Aarschot-Betekom kan ik terecht voor de studierichting “Houtbewerking”?

Damiaaninstituut P. Dergentlaan 220, 3200 AARSCHOT – www.damiaaninstituut.be

 

 

Welke aanbevelingen zijn er bij deze overgang?

Je hebt een voorliefde voor hout in al zijn toepassingen.
Je  bent handvaardig en je bent bereid een inspanning te leveren om de gemiste competenties van de tweede graad te verwerven.
In het modulair systeem is het door jou reeds gevolgde traject bepalend bij de overgang naar de derde graad.
Je voorkeur voor deze studierichting wordt besproken in een toelatingsklassenraad.
Deze klassenraad beslist na een eventuele toelatingsproef of je overstap haalbaar is.

Met welke bijwerkactiviteiten dien ik rekening te houden bij deze overgang?

Afhankelijk van de vooropleiding kunnen bijwerkactiviteiten nodig zijn
(bv. manuele en machinale houtbewerking, verbindingstechnieken).

Wat is het profiel van de studierichting “Koelinstallaties”?

Als je graag de handen uit de mouwen steekt, voel je je zeker thuis in het interessedomein technologie – niveau 4 -, waar het doen centraal staat. Het nastreven van een hoge kwaliteit bij een eigen realisatie met de daaraan verbonden arbeidsvreugde en arbeidsfierheid staat voorop. De algemene vorming wordt beperkt, maar is toch aanwezig in de vorm van projectonderwijs (PAV): taal, wiskunde, maatschappelijke vorming, geschiedenis, aardrijkskunde komen hier aan bod.

Koelinstallaties is een studierichting die gericht is op tewerkstelling, maar met je diploma secundair onderwijs kan verder studeren  (bv. bachelor Elektromechanica-klimatisering, bachelor lerarenopleiding) eventueel ook.
Om de tewerkstellingsmogelijkheden te verhogen, ligt de klemtoon op het zo praktisch mogelijk aanbrengen van zowel de algemene als de specifieke vorming.

Je hebt een ruime interesse voor koeltechnieken. Binnen het traject koeling word je opgeleid tot:

  • Koeltechnieker
  • Airco-technieker
  • Koelmonteur
  • Monteur klimatisatie
  • Technieker klimatisatie

In de blokstage tijdens je zesde en zevende jaar krijg je de mogelijkheid om je verworven competenties toe te passen in een reële werksituatie.


Wat leer ik in de studierichting “Koelinstallaties”?

Ik leer in PAV:

  • meer over taal, wiskunde, maatschappelijke vorming, geschiedenis,  aardrijkskunde, wetenschappen,… via interessante projecten
  • mijn wereldbeeld verruimen en leer zo mijzelf beter kennen

Ik leer in Engels:

  • me uitdrukken in dagelijkse situaties met de klemtoon op praktisch taalgebruik en zelfredzaamheid

Ik leer in bedrijfsbeheer:

  • als ondernemer het ondernemingsplan opstellen
  • als ondernemer het administratief en het commercieel luik van de onderneming behartigen

    Deze cursus wordt facultatief aangeboden. Slaag ik voor deze cursus, dan behaal ik het getuigschrift over de basiskennis van het bedrijfsbeheer.


Welke lessen krijg ik in de studierichting “Koelinstallaties”?

 

 3de graad BSO – Koelinstallaties

5de jaar

6de jaar

7de jaar

 Godsdienst

2

2

2

 Lichamelijke opvoeding

2

2

2

 Engels

1

1

2

 Realisaties

23

23

20

 Project algemene vakken (PAV)

4

4

6

 Bedrijfsbeheer (facultatief)

 

(2)

(2)


In welke school binnen de scholengemeenschap Aarschot-Betekom kan ik terecht voor de studierichting “Koelinstallaties”?

Damiaaninstituut P. Dergentlaan 220, 3200 AARSCHOT – www.damiaaninstituut.be

 

 

Welke aanbevelingen zijn er bij deze overgang?

Je vindt koel ‘cool’ en je hebt voldoende interesse in klimaatregeling: beheersen en regelen van het klimaat voor industriële toepassingen en particuliere woningen. Monteren, demonteren en foutanalyse zijn je ding. Je bent handvaardig en je bent bereid een inspanning te leveren om de gemiste competenties van de tweede graad te verwerven. 

In het modulair systeem is het door jou reeds gevolgde traject bepalend bij de overgang naar de derde graad.
Je voorkeur voor deze studierichting wordt besproken in een toelatingsklassenraad.
Deze klassenraad beslist na een eventuele toelatingsproef of je overstap haalbaar is.

Met welke bijwerkactiviteiten dien ik rekening te houden bij deze overgang?

Afhankelijk van de vooropleiding kunnen bijwerkactiviteiten nodig zijn
(bv. leren lassen, kennis van elektriciteit bijwerken,  metaalbewerking )